Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(4) #p één dag na, joiit acht es' vijftig jaren liter dan Lutheji, namelijk den 9 November 1541. Zijn grootvader, naar wien hij Menso heette, had zijne vaste goederen en zijn woonplaats te Gasteren, een gehucht dat onder Anloo behoort; zijn vader, Rudolphus Alting, wiens oudtte zoon hij was, bekleedde daarentegen de waardigheid van scholtus •n rechter in 't dorp Eelde.

Het. geslacht Alting is reeds van oude bekendheid. Oorspronkelijk uit Annen, bij Aaloo, vindt men het reeds in 1309 genoemd. Het heeft, verscheidene mannen voortgebracht, die ook in meer of minder mate vermaardheid verwierven. Een der voorvaders van onzen Menso, ook Menso geheeten, geboren in 1325, was geheimraad van Reinold III, hertog van Gelder. Diens achterkleinzoon, Egbebt Alting, bekleedde 't ambt van stadsschrijver te Groningen en werd afgezant van wege dat gewest aan 't hof van Brussel. Een zoon van dezen, Joachim Alting, was burgemeester te Groningen; hij overleed in 1625; de hoogceraar Macdoweix hiel! een lijk- en lofrede op hem. Een Basilius Alting, ook uit dezelfde familie, komt voor als raadsheer te Emden en als afgezant bij de Staten. Diens zoon, Gerakdvs, was hoofdrechter in Oost-Friesland, en de kleinzoon van dezen, Daniël Alting, overleed in 1618 als burgemeester van Emden. Men zie over 't geslacht Alting Kok's Vaderl. Woordenboek, II, bl. 683 en v. en J. A. de Chalmot, Biogr. Wbk. d. Ned., (Amst., 1798) I, bl. 181 en v., waar ook de nakomelingen van onzen Menso, die zieh beroemd gemaakt hebben, worden opgeteld.

Behalve onzen Menso en eenige dochters, had Rudolphvs Alting nog drie zonen, waarvan de jongste, Evekhard geheeten, te Bazel het doctoraat in de rechten verkreeg en een man moet geweest zijn van uitstekende geestesgaven, die tot hooge cereambten had kunnen geraken, indien hij zijn vermogens goed had willen gebruiken en zich zeiven niet door een zedeloozen^ levenswandel had in den weg gestaan. Zie Emmiüs, 1 1., p. 4.

Toen onze Menso geboren werd, verhaalt EllMius, was, volgens de verklaring van astrologen, de stand van den sterrenhemel zoo gunstig,

dat de jonggeborene niet anders dan een gelukkige toekomst te gemott

-n

nriest artn .

Sluiten