Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Weer een zestal gevormd en Ds. J. Oosterhuis te Warns kreeg het beroep, maar de gemeente werd weer teleurgesteld.

Bij een vernieuwd zestal, w.o. nu niet Ds. W. Maan maar Ds. K. Fernhout te Buitenpost, was de uitslag dat Ds. P. Koster van Breedevoort het beroep kreeg, maar op den len Kerstdag kreeg de gemeente kennis dat voor het beroep was bedankt. In 1885 was nu tot zesmaal toe beroepen en steeds was de gemeente teleurgesteld.

Wat zou het nieuwe jaar brengen?

Bij het le zestal was weer Ds. K. Fernhout, maar Ds. J. ten Oever uit Roden kreeg het beroep. Maar hij bedankte.

De kerkeraad kwam nu met een voorstel bij de gemeente om de beroepingscommissie te laten bestaan, maar het gebonden zijn aan een zestal te laten vervallen. Dit werd aangenomen en op Maandagavond 22 Maart 1886 werd beroepen Ds. W. Maan predikant te Bleskensgraaf en Hofwegen met 23 van de 25 Stemmen. Er waren 2 stemmén blanco.

Ds. Maan had in zijn gemeente een maand te voren een bidstond gehouden voor de nood der Kerk. Want op 4 Januari waren er een aantal kerkeraadsleden te Amsterdam geschorst in hun ambtelijk werk. En het bleek dat Ds. Maan zich ook wel eenigszins schaarde aan de zijde der geschorste broeders.

Het was in de lijdensweken (6 April) dat de beroepen Herder en Leeraar naar Augustinusga kwam, zooals men het veelal noemde, te „plaats bezien".

Z. Eerw. kreeg gelegenheid met kerkeraad en kerkvoogden kennis te maken en in een namiddagure te preeken over den lijdenden Heiland.

Acht dagen later, den Hen April, kwam de blijde tijding dat Ds. W. Maan het beroep naar Augustinusga had aangenomen.

Sluiten