Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE STRIJD OM HET OUDE KERKGEBOUW.

Het Classicaal Bestuur van Dokkum kwam het eerst de rechtsbevoegdheid der plaatselijke Kerk te Augustinusga betwisten en werden reeds 12 Maart officieel Ds. Maan, de ouderlingen J. Veenhuizen en H. Veenhuizen en diaken C. Folkersma geschorst op grond van Art. 5, 47 en 48 Reglement van Kerkelijk Opzicht en Tucht. Het vernietigde de op 5 Maart 1887 door den Kerkeraad genomen besluiten, daarvan kennis gevende aan de geschorsten, het Provinciaal Kerkbestuur en de Kerkvoogden.

De schorsingsbul was onderteekend door A. E. Kingma als praeses en J. A. Prins als scriba.

De Kerkvoogden bleven Synodaal en sloten nog voor den Zondag het kerkgebouw en deden dit Zaterdagavond aan Ds. Maan weten, met verzoek dit door te geven aan de geschorsten.

Het bevel van sluiting van het kerkgebouw was onderteekend door de Kerkvoogden J. H. Sickler, P. J. Tjoelker en J. A. Hoeksma, welke heeren vooraf nog een circulaire aan de kerkgangers lieten zenden, waarin zij dezen lieten weten dat: a. zonderoverleg met Kerkvoogden was gehandeld; b. dat de leer niet in gevaar was; c. dat men eerst de gemeente had moeten hooren; d. dat de Kerkeraad dwaas genoeg is te meenen alleen de waarheid te hebben en aan Jozef en zijne broederen had moeten denken; e. dat de Godsdienst te heilig is om met teksten te beginnen; f. dat anderen, als Dr. Vos (vroeger te Oostermeer, thans te Amsterdam) en Ds. Malcomesius (vroeger te Kollumerzwaag, thans te Rotterdam) betere opvattingen hadden dan Dr. A. Kuyper en nu gewacht wordt op den rechter.

De Gereformeerden protesteerden tegen sluiting van 't kerkgebouw bij monde van de leden J. A. Kloosterman, J. G. v. d. Veen en IJ. Veenhuizen, echter zonder resultaat, en toen kon laat in den avond door de Jongelingsvereeniging nog worden bekend gemaakt dat bediening des Woords zou plaats hebben in de catechisatiekamer bij de pastorie, waartoe de Kerkeraad in laatste instantie moest besluiten.

De Synodalen riepen Zondagsmorgens de burgerlijke overheid te hulp, hetwelk ten gevolge had dat een 13-tal politie-agenten het kerkgebouw omsingelden, waarbij de burgemeester, de secretaris en de Kerkvoogden aanwezig waren.

De Gereformeerden bleven kalm, en er had bediening des Woords plaats (tekst Matth. 26 : 46, „Staat op, laat ons van hier gaan, ziet hij is nabij die Mij verraadt").

Van 14 tot 19 Maart konden de doleerenden (klagenden)

Sluiten