Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Te Surhuizum (dit kwam thans officieel op deze kerkeraadsvergadering) was door de meerderheid van den kerkeraad op 11 April de band met de Synodalen verbroken en kon Ds. Maan hier als consulent dienen, terwijl 15 Augustus de combinatie met deze kerk tot stand kwam, waarbij Ds. Maan van deze vrijgemaakte kerk nu leen-predikant werd.

Door deze combinatie werden nieuwe mogelijkheden op stoffelijk gebied geopend. De Heere neigde een ouderpaar het hart door een stuk grond af te staan, waar een kerkgebouw verrijzen kon, juist ongeveer midden tusschen de beide dorpen in. En de menschen van Rohel getroostten het zich een eindje verder te loopen.

Een „kerkelijke kas" werd gevormd.

Als eerste bestuurders werden met algemeene stemmen benoemd: C. W. Folkersma, Klaas G. Luimstra, Jan G. v. d. Veen, Jan L. Hoekstra en Rindert S. Zijlstra.

Besloten werd een extra collecte te houden voor 't ontbrekend tractement van Ds. Maan en voor de proceskosten, die de gezamenlijke kerken zouden dragen.

Met blijdschap kon vermeld worden, dat er nu reeds meer dan honderd kerken vrijgemaakt waren.

Eerst te Augustinusga en Surhuizum zelf, maar later ook van elders kwamen liefdegaven binnen voor kerk- en pastoriebouw. Hierbij waren ook geldelijke bijdragen geschonken door Herv. Predikanten.

Dat ook het pastorieproces verloren zou worden, werd al duidelijker.

Den 5den September werden dubbeltallen gesteld voor ambtsdragers en nadat in medewerking met de gemeente, een groslijst was opgemaakt, herinnerde de praeses bij de verkiezing op 12 September er aan dat, door verlies van het ambt, in de plaats van Hedzer Veenhuizen, ouderling en K. Dijksterhuis, diaken, nieuwe ambtdragers gekozen moesten worden. Aangewezen werden de broeders R. S. Zijlstra, ouderling en IJsbrand Veenhuizen, diaken, die daarna door den kerkeraad werden benoemd.

14 November kon de vereeniging de „kerkelijke kas" vermelden dat ontvangen was ƒ 181,885 en uitgegeven ƒ 148,095 saldo ƒ 33,79 welk bedrag Ds. Maan werd toevertrouwd.

De reformatie der kerk is niet gebeurd in een tijd van economische fleur.

Tot de negentiger jaren bleef het, vooral op 't platteland een moeielijke tijd.

Sluiten