Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

veer 3000 jaren kan hebben plaats gehad. Twee mannen — een priester van God en een arme Israëliet — staan in levendig gesprek bij elkaar. Laat ons naderbij treden, en hooren wat zij zeggen. De levendigheid, waarmede zij beiden spreken, doet ons besluiten, dat zij een zaak van grootgewicht behandelen; en het valt ons niet moeilijk op te merken, dat het onderwerp van hun gesprek een kleine ezel is, die levend tusschen hen staat.

„Ik ben gekomen," hooren wij den armen Israëliet zeggen, „om te vernemen, of niet dezen éénen keer een uitzondering ten mijnen gunste kan gemaakt worden. Dit kleine dier hier is het eerstgeborene mijner ezelin; en ofschoon ik zeer goed weet, wat Gods wet daarover zegt, hoop ik toch, dat God mij barmhartigheid bewijze, en het leven van dit dier niet van mij eischen zal. Ik ben een arme man, en het is mij onmogelijk, het te lossen".

Sluiten