Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het betreft hier dus een geestelijk tegenwoordig zijn.

Hoe komt die geestelijke tegenwoordigheid tot stand?

Door de eenheid, die er is tusschen Christus in den hemel en den Christen op de aarde.

Dit voert ons tot hetgeen Hij tot de heidenen en alle geloovigen gezegd heeft. In de hoofdstukken 13 tot en met 16 geeft Hij een nieuw en dieper getuigenis, dan hetgeen Hij aan de wereld gaf (Htdst. 1—12). 8

Het grootste „Ik ben" heeft Christus niet gesproken tot de wereld, maar tot de g e 1 o o v i g e n (Joh. 15:5). Hier wordt gesproken van een eenheid tusschen Christus en den Christen, die overeenkomt met de eenheid van Vader en Zoon.

En die eenheid van leven heeft ten doel, dat de Christen Christus zal openbaren aan de wereld, zooals Christus ons den Vader heeft geopenbaard, Dit beteekent: te leven het leven dat Hij leeft; te doen de werken die Hij doet; te spreken dé woorden die Hij spreekt; Zijn beeltenis te dragen in karakter en werk.

Hoe moet nu de Christen dit openbaren aan de wereld ?

Precies op dezelfde wijze als Christus het gedaan heeft: door den doop met den Heiligen Geest, door de kracht des Geestes.

Nu nog iets over hetgeen Christus over den Heiligen Geest tot Zijn discipelen zegt.

We zullen dit behandelen door acht vragen te beantwoorden. Iedere vraag bestaat uit één woord. Deze acht vragen kunnen tevens dienen als handleiding bij het bestudeeren van een Bijbelboek; op deze wijze kan men den inhoud van ieder Bijbelboek gemakkelijk ontvouwen. Behalve deze vragen zal ik u ook de antwoorden geven, maar als gij genoeg geduld hadt, zoudt ge alle antwoorden zonder eenig commentaar zelf kunnen vinden.

Deze vragen zijn: 1. Wie? — 2. Wat?

Sluiten