Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

daagsche bidstond hielden en allen eendrachtelijk bijeen waren. Laat ons nu in verband met dit vers (Hand. 2:1) eens op verschillende bijzonderheden letten.

In de eerste plaats vindt ge hier eenheid van de geheele gemeente. Zij waren allen in die opperkamer. Iedereen. Ik denk, dat wanneer er in onze kerk zulk een eenheid was, er in onze bidstonden spoedig ruimte te kort zou zijn.

In Engeland zijn de bidstonden over het algemeen de slechtst-bezochte samenkomsten van de geheele week. — Is het wonder dat er weinig kracht in de kerk is ?

Alle Christenen waren bij elkaar, lezen we. Er was eenheid. Gij herinnert u het Hoogepriesterlijk gebed van den Heiland Zelf in Joh. 17. In dit gebed vindt ge vijfmaal de bede: „opdat zij allen één zijn...." Als er meer eenheid was, zou er zeker een opwekking komen ; maar dan moeten de slagboomen wegvallen.

Ik herinner mij een voorval in een zeker land van Europa. Een predikant vertelde aan een vriend, dat hij al 12 jaar om een opwekking bad. De vriend verblijdde zich daarover, want in zijn woonplaats was een Vrije Kerk, welker predikant ook bad om een opwekking. Dit vertelde hij aan zijn vriend en zeide tot hem : „Als gij ook om een opwekking bidt, zou het dan niet goed zijn, wanneer gij beiden bij elkaar kwaamt om te bidden ?" „Neen — antwoordde de predikant — ik kan niet bidden met iemand uit een andere kerk", en hij weigerde te gaan naar den bidstond, waar de predikant van een andere kerk óók kwam. — Een opwekking is er in die plaats nooit gekomen — die twaalf jaren van gebed zijn absoluut vruchteloos geweest. — Wij moeten bevrijd worden van dezen slagboom van gezindten.

In Hand. 2 lezen wij, behalve van eenheid van gedachten, ook van eenheid van plaats. Zij waren allen bijeen op dezelfde plaats.

Weet ge wat ik in iedere plaats van Europa

Sluiten