Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

destinatie. Want de belijdenis is beslist infralapsarisch. Zie hoofdstuk I, art. 7, 15 van onze Dordtsche Leerregels.

2. In de leer der rechtvaardiging van eeuwigheid. Want in vr. 60 van onze Catechismus en in art. 22 van de Geloofsbelijdenis wordt beslist gezegd, dat we door het geloof gerechtvaardigd worden. Daar wordt dus geleerd dat het geloof in orde aan de rechtvaardiging voorafgaat. ,En dan kan de rechtvaardigjing niet van eeuwigheid zijn, omdat het geloof van eeuwigheid niet zijn kan.

3. In de leer, dat het verbond der genade van eeuwigheid door den Vader opgericht is met Christus als het Hoofd der uitverkorenen. Want onze Belijdenis zegt duidelijk, dat de Vader het nieuwe verbond der genade door tusschenkomst van den dood van Christus met de menschen gemaakt heeft. Dordtsche Leerregels, hoofdst. 2, art. 4 van de verwerping der dwalingen. Dus niet met Christus, maar met de menschen. En dan niet van eeuwigheid, omdat de menschen niet van eeuwigheid zijn.

4. In de leer dat de Sacramenten ons verzegelen, dat wij wedergeboren en gerechtvaardigd zijn en dat we zaligmakende genade bezitten. Want de Belijdenis zegt, dat de belofte des Evangelies door de Sacramenten verzegeld wordt. Zie vr. 66 van onzen Catechismus en art. 33 van de Geloofsbelijdenis. En de belijdenis zegt ook: "Voorts is de belofte des Evangelies, dat een iegelijk, die in Christus de Gekruiste gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe." Dordtsche Leerregels, hoofdst. 2, art. 5.

5. In de bewering, dat sommige kinderen wedergeboren ter wereld komen. Want in de Dordtsche Leerregels, hoofdst. 3, 4, art. 3, lezen we: "En dus worden alle menschen in zonden ontvangen, en kinderen des toorns geboren, onbekwaam tot eenig zaligmakend goed, genegen tot kwaad, dood in de zonden, en slaven der zonde."

6. In de leer der onmiddelijke wedergeboorte. Want in art. 35 van onze geloofsbelijdenis lezen we: "Nu hebben degenen die wedergeboren zijn in zich tweeerlei leven: Het eene lichamelijk en tijdelijk, hetwelk zij van hunne eerste geboorte medegebracht hebben, en aan alle menschen gemeen is; het andere geestelijk en hemelsch, hetwelk hun gegeven wordt in de tweede geboorte, welke geschiedt door het woord des Evangelies." En in ónze Dordtsche Leerregels, hoofdst. 3, 4, art 17, wordt ook duidelijk geleerd, dat de wedergeboorte middellijk tot stand gebracht wordt door het Evangelie, hetwelk de hoogstwijze God verordend heeft tot een zaad der wedergeboorte. En daar wordt nog wel bij gezegd: "Alzoo moet het nu verre van daar zijn dat zij, die onderwijzen of onderwezen worden, zich verstouten om God te verzoeken, door vaneen te scheiden de dingen, die God, naar Zijn

Sluiten