is toegevoegd aan uw favorieten.

De twee gewraakte punten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onderscheidt nog niet tusschen het juridisch begrip Koning en

het mystiek-organische begrip Hoofd. Het bewijs hiervoor valt niet moeilijk te leveren, want zij gebruikt deze termen promiscue, door elkander. Zij spreekt twee a drie keer van Christus als eeuwige Koning en vijf a zes malen als het Hoofd der Kerk. Men kan dus met meer dan een schijn van recht zeggen, dat het meer Gereformeerd is om van Christus als Hoofd dan wel als Koning der Kerk te spreken. Hier zij tevens opgemerkt, dat wij thans in godgeleerde zaken vele onderscheidingen hebben, die aan den opsteller onzer Belijdenis drie en een halve eeuw geleden nog vreemd waren. Men denke slechts aan de leer der verbonden, der gemeene gratie, der woordelijk-organische inspiratie. Zoo onderscheidt ze evenmin nog tusschen de Kerk als een vergadering der geloovigen, die er van alle eeuwen was en de Kerk als het mystieke lichaam van Christus, die volgens Kuyper en Bouwman, e. a. eerst met den Pinksterdag tot stand kwam.

Het is ten derde bovendien vrij duidelijk, dat ik den term Hoofd niet bloot in engeren zin, maar ook in den meer omvattenden zin van Ef. 1:22 en Col. 2:10 wil opgevat hebben. In den zin dier Schriftuurplaatsen nu sluit het Hoofdschap Zijn Koningschap feitelijk in. De Vader gaf Hem de gemeente tot een Hoofd boven alle dingen. Eenerzijds is Hoofd dus enger, maar anderzijds en in laatstgenoemden zin is dit een veel breeder begrip dan Koning. Althans men diende zich tevreden te stellen met de verklaring in Maranatha dat de relatie van Christus tot Zijne Gemeente veel nauwer is dan die van een Koning tot Zijn volk.

Aangaande het Koningschap van Christus redeneerde Ds. Danhof als volgt: "Het hoofdschap van Christus, dus geen macht." Prof. Berkhof alzoo: "Het hoofdschap, dus geen recht, geen gezag, geen tucht." Deze vrees-aanjagende woorden waren grootendeels verantwoordelijk voor het besluit der Synode, terwijl dit op zijn beurt aan velen, zelfs aan de broeders in Nederland, den indruk heeft gegeven, dat wij de macht, het recht, en het gezag van Christus in de Kerk looche nen. Het is een zware zonde om de menschen zulke dingen wijs te maken. We wenschen hier even te zeggen dat Christus als Hoofd des lichaams in alles de eerste is; dat als zoodanig al de volheid in Hem woont, Col. 1:18, 19. Het is des Heeren welbehagen om in de bedeeling van de volheid der tijden alles dat in den hemel en op de aarde is onder het eene Hoofd Christus samen te vergaderen. Ef. 1:10. De Vader gaf Hem der Gemeente tot een Hoofd boven alle dingen, Ef. 1:22. Hij is het Hoofd van alle overheid en macht. Col. 2:10. In Art 29 onzer Belijdenis lezen we als kenteekenen van de ware Kerk het vol-