Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Hoe zoo?"

„Wel, is de Pers niet de koningin der aarde? En kan de Pers zonder reporters?"

„De koningin der wereld?!" was 'tlachend antwoord. „Een Pompadourtje misschien? Jullie zijn veil voor geld."

„Zeg, alsjeblieft! Met een beetje meer respect van ons gesproken. Van de koffie zou je net zoo goed kwaad kunnen spreken, en zoo van alles."

„Daar heb je gelijk aan. Wij zijn allen gelijk. Ik ben er lang niet zeker van dat een koning een beter plaatsje in den Hemel zal krijgen, dan een bedelaar. Waarom die groote verschillen? Kan een bedelaar 't helpen dat hij arm en gebrekkig is ? Ik begrijp er niets van ... . Gods wegen zijn ondoorgrondelijk . . . .

„Zeg dat wel. Wij zijn met ulieden tot aan de voleindiging der wereld. Wij zijn de wevers van uwe gedachten. Wij, uw ouders en voorouders. Geen minuut blijft gij onbewaakt. Hoe stelt gij U Gods alwetendheid voor? Bestudeert den bijbel, leert tusschen de regels lezen!"

Stavermans springt op, na eenigen tijd als aan zijn stoel geplakt te zijn geweest, terwijl een rilling door zijn leden ging en nog gaat. Deze woorden op een vreemden toon uitgesproken verrassen hem ten zeerste. Is Colmans het, die de woorden uitspreekt ?

„Colmans, wat scheelt je? Je ziet bleek en je oogen zijn gesloten. Heb je niets gehoord?"

Colmans, die met 't hoofd achterover en met gesloten oogen zit, opent die en zegt zuchtend: „Mijn God!! Heb je 't ook gehoord ?"

„Hè! . . . Colmans je bent toch geen buikspreker?"

Zweetdruppels parelen op Colmans voorhoofd.

„Neen! . . . Volstrekt niet! . . . Ik zal je uitlegging geven, maar beloof mij met niemand er over te spreken ... Je zult 't misschien dwaas vinden, maar je hebt 't zelf gehoord . . . niet waar ? . . ."

„Het gebeurt me in de laatste jaren meer dan eens, dat me plotseling een duizeling overvalt en dat ik dan een stem hoor spreken. Het gebeurt mij altijd als ik alleen ben. Nu pas is 't de eerste maal, terwijl er iemand bij is."

Sluiten