Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoo gedraagt zich God jegens u als zonen; want dien de Heer liefheeft, kastijdt Hij." In al hunne beproevingen vertroost Hij hen. „Gèlijk een Vader zich ontfermt over de kinderen, zoo ontfermt zich de Heere over degenen die Hem vreezen. Gelijk een, die zijne moeder troost, zoo zal Ik u troosten." Ziekte, armoede, smartelijke verliezen, alle verdrietelijkheden en moeite bestuurt Hij tot hun voordeel. Dengenen, die God liefhebben, werken alle dingen mede ten goede. „Zij zullen geen gebrek hebben aan eenig goed. Alle instrument, dat tegen hen bereid wordt zal niet gelukken." In elke moeilijkheid, in elk gevaar is hun Vader aan hunne zijde. „Vreest niet, want Ik heb u verlost. Ik heb u geroepen bij uwen naam; gij zijt de mijne. Wanneer gij door het water gaat, zal ik met u zijn en als gij door de rivieren trekt, zullen zij u niet overstroomen. Ik zal u niet begeven nog verlaten." Zij mogen hunnen Vader al hunne behoeften openbaren. nDat uwe begeerte in alle dingen bij God bekend worde!" Zjjn oor is altijd voor hun geroep gebpend, en zijne hand steeds uitgestrekt, om hun goed te doen. Gelijk een Vader bereidt Hij hun eene erfenis, maar geene erfenis gelijk de aardsche, want zij is onverderfelijk, onbesmettelijk en vergaat niet. O! welk een geluk een kind van God te zijn! Te gevoelen: God is mijn vader! Hij bemint mij! Hij ontfermt zich over mij! Hij vergeeft mij! Hij bewaart mij! Ik ben vrij van alle kwaad! Booze menschen en booze geesten kunnen mij niet deeren. God is mijne toevlucht, altijd nabij ;

2

Sluiten