Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Matth. 13 : 58. En Hij heeft aldaar niet vele krachten gedaan, wegens hun ongeloof.

Ja het ongeloof der Gemeente is oorzaak dat Christus nu niet mieer, door Zijnen Geest, die krachten en wonderen, van voorheen, kan doen. En toch leeft er in het hart der geloovigen een verlangen om die gave, die Christus eenmaal aan Zijne Gemeente schonk, terug te mogen ontvangen. Immers er staat toch ook nergens in den Bijbel dat Christus die gave terug genomen zou hebben. Daarom zijn er velen, waaronder ook Voorgangers der Gemeenten, die wenschen, ja, als het ware hunkeren zij er naar, om toch tot de overtuiging te kunnen komen dat de gebedsgenezing NU evengoed als VROEGER een waarachtige zaak is. Maar het ongeloof, of beter, de twijfel er aan, is zoo algemeen geworden dat men den moed mist om het aan te nemen en te belijden.

Wij weten dat er Christenen zijn, waaronder ook Predikanten (en hun aantal is grooter dan menigeen wel denkt), die innerlijk er vast van overtuigd zijn dat Jezus, op het gebed, nu nog evengoed geneest als vroeger, maar zooals gezegd, men durft er openlijk niet aan.

De Gemeente is het geloof er aan kwijt en wat zou mien van een Predikant of een Ouderling zeggen die openlijk dat geloof gingen voorstaan en aanprijzen. Men zou hen verglazen en misschien wel afzetten. Vrees en klein geloof spelen in deze een groote rol.

De Gemeente is haar geloof in de gebedsgenezing kwijt en durft er niet meer aan, daarom gelooft Zij het zoo gaarne als van de kansels, met veel aplomb, verkondigd wordt dat er tegenwoordig geen wonderen meer gebeuren. Maar al zouden alle Predikanten, van alle kansels, dit luide gaan bevestigen, Die in den hemel woont lacht er om ; Hij is en blijft die God die wonderen doet, Die ze doen moet en zal, opdat Zijne grootheid blijke, om telkens weer te doen zien dat Hij God is, opdat men Hem aanbidde.

Geloovige Br. of Zr. wij maken met dit schrijven geen propaganda voor eenige kerk of secte, maar het is ons er om te doen dat gij door het beoefenen van uw geloof komt tot het kennen van uw God. Hij wil zoo gaarne tot Zijn volle recht komen in u ; H»j -wil zoo gaarne u brengen tot de er-

Sluiten