Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

n. L om te waarschuwen voor giftige gassen, die zich in de mijngangen bevinden. Welk een schoon voorbeeld voor ieder kind van God. Het zal u niets geven, ongewapend af te dalen; enkel moeite en verdriet. Daarom kan God van de algemeene verwarring die er heerscht niet de schuld dragen. Wat zal de Heere er aan doen, indien gelijk ook in Paulus tijd, de één zegt: „Ik ben van Paulus, en ik van Apollos, en ik van Cefas" 1 Cor. 1 : 11. Dezelfde gevoelens, die ook heden bestaan, zullen er toe geleid hebben, om den één voor den ander te trekken. Want een deel zeide: „Paulus moeten wij hebben". Misschien omdat hij goed spreken kon, of vele krachten deed. Een ander deel van het volk zeide: „Van Paulus willen wij niets weten, hierom en daarom, maar Apollos, dat is een man uit één stuk; en diep dat hij kan spreken, ja het is verbazend." Dan komt daar het derde deel. „Och", zeggen zij, „gij allen weet er niets van, wat is nu Paulus of Apollos. Cefas, die is door den Heere verkoren; zie maar eens naar zijn wandel, en zie, hoevelen er bij hem bekeerd worden; die man moet gij aanhangen."

Natuurlijk bestraft de Apostel dit, en zegt, dat, wanneer zij alzoo stonden, zij vleeschelijk waren.

Want wie is Paulus, wie is Apollos, niets anders dan dienaars door welke gij geloofd hebt, en dat gelijk" de Heere aan een iegelijk gegeven heeft. 1 Cor. 3:5. Ik heb geplant, Apollos heeft nat ge: maakt, maar God heeft den wasdom gegeven, vers 6. Wat is dan wel de weg ?

Niets anders dan op Christus te zien. Maar om dat het volk in dezen tijd dat ook niet doet, kan

Sluiten