Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET ENGELENLIED.

P^oor velen, ook in ons land, is, vooral in de laatste jaren, met het Engelenlied in Efratha's velden gespot. „Vrede op aardel" heeft men uitgeroepen. En hoeveel strijd is er op alle gebied, ook in het Christendom, ook onder Christenen. En geloovigen, die niet begrepen, dat het Engelenlied ook nu nog, althans voor een groot gedeelte, profetie is, hebben getracht dit woord zóó te verklaren, dat vrede op aarde moet beteekenen vrede voor het hart; maar bevredigd hebben ze daardoor noch zichzelve noch andere geloovigen, en de spotters er allerminst mee tot zwijgen gebracht.

Het lijkt ons daarom van belang, te onderzoeken, welke beteekenis de woorden hebben, die ten aanhoore van eenvoudige herders werden uitgesproken door een menigte deshemelschenheirlegers: „Eere zij God in de hoogste hemelen — vrede op aarde — in menschen een welbehagen."

kMè *

„Eere zij God in de hoogste hemelen."

Door den mensch is Gode de eer niet toegebracht. Integendeel I De mensch heeft zijn Schepper en Heer de gehoorzaamheid opgezegd en Hem den rug toegekeerd. En zoo is hij voortgegaan, geen welbehagen hebbende in de wegen Gods. Zooals Jesaja zegt: „Wij keerden ons een iegelijk naar zijnen weg." De geheele wereld is daardoor verdoemelijk voor God. In plaats van God te eeren, heeft de mensch Hem bedroefd en onteerd. Daarmee is de geschiedenis van den mensch weergegeven.

Sluiten