Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nis gegeven door den Heiligen Geest. „Christus heeft door den eeuwigen Geest Zichzelven onberispelijk Gode opgeofferd." „Christus heeft Zichzelven voor ons overgegeven als een offerande en een slachtoffer, Gode tot een welriekenden reuk."

Op grond van Zijn volmaakt werk heeft de Vader Zijn Zoon verheerlijkt. Eerst heeft de Heer Jezus God verheerlijkt, en daarna is Hij door den Vader verheerlijkt. Toen Hij, de Rechtvaardige, Zijn ziel had uitgestort in den dood, en daardoor een eeuwige verzoening voor de Zijnen had bewerkt, ontving Hij eer en heerlijkheid van den Vader.

RWrns uit zich aldus: „Die is aan de rechterhand Gods opgevaren ten hemel, engelen en machten en krachten Hem onderworpen zijnde.»' En Paulus roept het uit: „Alle tong zal eenmaal belijden, dat Jezus Christus Heer «s, tot heerlijkheid Gods, des Vaders."

Christus, uit den hemel nedergedaald, is het land doorgegaan, goed doende, heeft den wil volbracht, die Hem was voorgesteld, en heeft Zich daarna gezet aan de rechterhand Gods.

Voorwaar, God is verheeriijktl God, die Zijn troon heeft in de hoogste hemelen. Het woord van het koor der hemelsche zangers is vervuld geworden: „Eert zij God in de hoogste hemelen!" Maar niet door den mensch Alleen door Christus! Door Hem, die daar lag in dé kribbe van Bethlehem! En met de herders buigen we ons aanbiddend voor Hem neder.

„Vrede op aarde."

«Vrede op aarde," zoo jubelden de hemelsche heirscharen. Gelijk de woorden: „Eere zij God in de hoogste hemelen" door Christus zijn vervuld, zoo zal ook dit woord door Christus in algeheele vervulling treden. Want waar het eerste door Christus reeds geschied is, namelijk Gode de eer toegebracht in de hoogste hemelen, daar is net laatste nog profetie.

Sluiten