Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het bezit van den H, Geest, op den vuur- en geestesdoop. Om deze te mogen én te kunnen ontvangen dienen vooraf gekend te worden de zielsaandoeningen van wedergeboorte en levendmaking. Zoo moeten dan deze worden opgewekt. En nu tracht men door roerende toespraken en gebeden, afgewisseld met bruisend gezang, sensatie, opwinding en ontroering op te wekken. Men wil een toestand van angst en vrees, vertwijfeling en wanhoop in den nog dooden zondaar doen ontstaan, om zoo te bewerken dat de boetvaardige zondaar of zondares in het levendig besef en gevoel ven zijn ellende worstele, totdat hij de blijde zekerheid der verlossing heeft verkregen, welke zij wedergeboorte of levendmaking noemen. Hoe licht wordt op deze wijze tijdgeloof en schijnbekeering gekweekt en gevoed. Onze Heiland heeft hiervan een duidelijke beschrijving gegeven in Matth. 13 : 20—22: „deze is degene die het woord hoort en dat terstond met vreugde ontvangt doch hij heeft geen wortel in zich zelve, maar is voor een tijd." De overdrevenheid en opwinding, welke in dezen kring openbaar wordt doet spoedig denkep aan de groote invloed en macht van autosuggestie bij de leiders en van suggestie bij hun aanhang. Zoo gemakkelijk komt het tot een opgedrongen voorstelling of waan, waaraan geen werkelijkheid beantwoordt.

Treffend is de overeenkomst, welke deze Pinksterkring hierin vertoont met het beeld, dat Calvijn ons geeft van sommige wederdoopers uit zijn tijd. We lezen ervan in Institutie Boek III Cap. 2 § 14 „Elke schijn van redelijkheid mist de dwaasheid van hen, die, om met de boetvaardigheid te beginnen hunne nieuwelingen bepaalde dagen voorschrijven, gedurende welke zij zich in de boetvaardigheid moeten oefenen om hen na verloop van die dagen tot de gemeenschap van de evangelische genade toe te laten, gelijk de wederdoopers doen, die er zich wonderlijk in verheugen voor geestelijken gehouden te worden. Zulke vruchten brengt die geest der dwaling voort, dat hij de boetvaardigheid die over heel het leven moést worden uitgestrekt, insluit binnen de grenzen van weinige daagjes. Sommige wederdoopers hebben in onzen tijd de een of andere dolzinnige onmatigheid uitgedacht in plaats van de geestelijke wedergeboorte. Zij leeren dat de kinderen Gods in den staat der onschuld hersteld worden en niet meer bekommerd moeten zijn om de lusten des vleesches

te beteugelen. Neem de ijdele vrees weg — zeggen ze

de Geest zal u niets kwaads bevelen, mits ge u slechts onbevreesd en onbezorgd aan Zijn werking overgeeft.

Sluiten