Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van alle andere volken en vreemde religiën afgezonderd om geheel Hem toegeëigend te zijn, zh'n merk en veldteeken dragende; dan volgt daaruit, dat alle gedoopten, die tot zelfbewusten leeftijd gekomen zyn, belijdenis des geloofs moeten afleggen, opdat de gemeente wete, dat zn' hunnen doop erkennen, en gewillig het juk van Christus op zich nemen.

Het is daarom dat wij TJ, jeugdige leden, die deze belijdenis hebt afgelegd, niet alleen gelukwenschen met dit voorrecht, maar TJ ook met Jozua *) toeroepen: Vreest den Heere en dient Hem in oprechtheid en waarheid. Dat Jozua geene slaafsche vrees bedoelt, is duidehjk; want hij brengt deze vreeze in nauw verband met het dienen van den Heere. Hij nu wil geen gedwongen dienst, maar vordert een leven naar des Heeren wil, uit kinderlijke vreeze, d. w. z. uit kinderlijken eerbied voor Hem. Vandaar dat die kinderlijke vreeze niet kan bestaan, tenzij de Heilige Geest het beginsel des nieuwen levens in het hart van den mensch heeft gewerkt.

En is deze vreeze niet van groote beteekenis voor jeugdigen en bedaagden? Salomo zegt: In de vreeze des Heeren is een sterk vertrouwen a). Gelijk toch de betrekking van een kind tot zijnen vader met vertrouwen gepaard gaat, zoodat het aan de hand zijns vaders gemoedigd de duisterste wegen betreedt, zoo ligt ook in de vreeze des Heeren een sterk vertrouwen opgesloten. Hoe meer de kinderlijke eerbied voor God aan-

') Jozua 24:14a. s) Spreuk. 14:26a.

Sluiten