Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Er waren 2 vertrekken in: het Heilige, en het Heilige der Heiligen; hier omheen had men het Voorhof, en om het Voorhof een wand van gordijnen.

In het Voorhof stonden deze gereedschappen: het Brandoffer-altaar, en het koperen Waschvat.

In het Heilige deze: De tafel der Toonbrooden, de gouden Kandelaar, en het gouden Reuk-altaar.

In het Heilige der Heiligen alleen dit: n.1. de Arke des Verbonds, welker deksel het Verzoendeksel was, waarboven in eene wolk de Heerlijkheid des Heeren.

Israëlietische Feesten en andere heilige Tijden.

De Israëlieten hebben 3 jaarlijksche feesten: het Paaschfeest, het Pinksterfeest en het Loofhuttenfeest.

Het Paaschfeest, of het feest der ongehevelde brooden, ter gedachtenis aan den uittoeht uit Egypte. Het werd gevierd van 14—20 van de maand Nizan, die met het laatst van Maart en het begin van April overeenkomt.

Het Pinksterfeest, of het feest der weken. Het werd gevierd zeven weken of vijftig dagen na Paschen.

Dit feest werd ook het feest des oogstes of der eerstelingen genoemd, omdat het op het einde van den tarweoogst inviel, waarvan de eerstelingen moesten geofferd worden. Later herdacht men op dit feest ook de wetgeving op Sinaï.

Sluiten