Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vereeniging onder de zinspreuk „Jachin", „dat Hij bevestige", ontleend aan 1 Kon. 7 : 21.

Het Reglement werd vastgesteld, de heeren van het voorloopig Bestuur, Jhr. v. Asch v. Wijck, Van Andel, Ds. Kreulen en Verbrugh, definitief gekozen, terwijl voor den heer Dibbets, die niet in aanmerking wenschte te komen, Ds. L. Lindeboom, van Den Bosch, als Bestuurder aangewezen werd.

Ruim een dertigtal der aanwezigen traden als lid toe, het Bestuur beloofde tegen Jan. 1872 een kalender gereed te hebben en Ds. Lindeboom stelde als redacteur van „De Vredebond" eenige ruimte beschikbaar voor officieele mededeelingen en propaganda ten behoeve der nieuwe vereeniging.

Ziedaar de geboorte van onze nu zestigjarige Vereeniging^ Veel zal u ongetwijfeld bekend zijn; ik hoop, dat het U geen last, maar een lust was eenige oogenblikken bij haar wieg te vertoeven en 's Heeren loffelijke daden te gedenken.

En nu met bekwamen spoed aan den arbeid. Het Bestuur liet er geen gras over groeien. In Mei van het volgend jaar was de geheele oplage van den kalender, groot 3000 ex., al uitverkocht. Weldra was dit getal tot 5800 gestegen, in 1875 was dit getal reeds tot 9000 geklommen.

Het lezen der notulen (slechts van 1875 af voorhanden) leerde mij, dat het Bestuur een open oog had voor de eischen van goed Zondagsschoolonderwijs.

Op bijna elke Bestuursvergadering komen ter sprake: kalender, toelichting, een bundel liederen, klasseboekjes en vooral ook traktaten.

Ik hoop straks ieder nog een beurt te geven. Wel wil ik nu reeds met waardeering erkennen, dat Prof. Lindeboom, toen nog Ds. Lindeboom, de motor was, gelijk Ds. Tazelaar in latere jaren, de man van het initiatief, van doorzettingskracht, ondanks tegenwerking en lauwheid in kringen, waar men dit allerminst zou verwachten.

U alle bijzonderheden mede te deelen, zou te veel van Uw welwillendheid en tijd vergen; voor Uw oog een galerij van al die verdienstelijke mannen, die „Jachin" in deze zestig jaren gediend hebben, te doen verrijzen, ik moet er van afzien, anderen hebben dat reeds vóór mij gedaan, in stilte leg ik den lauwertak mijner hulde aan den voet van hun beeltenis neer en dank bovenal God, voor wat Hij in hen aan „Jachin" schonk.

Ik wil slechts een uitzondering maken voor de stichters en verder verwijzen naar de statistiek achter mijn verhandeling gedrukt, waar alle Bestuurderen van 1871 tot heden met

Sluiten