Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Die in hemelmelodiën Liefelijke liedren zongen.

Zij verkondigden de grootheid \Van den Heer van aarde en hemel, Zongen lof- en jubelzangen Op zijn grootheid , op zijn liefde. Zij vernamen zijne stem vaak, Zoo verhaalden mij de bloempjes, In het rollen van den donder, Als hij toornend nederblikte; En als milde regenstroomen Uit de wolken nederruischten, Bogen zij haar geurge hoofdjes, Zwaar van tranen, treurig neder; Maar als 't zonnen-oog des vaders Liefdevol weêr op haar schouwde, Dan verdroogden hare tranen, En zij rigtten 't hoofdjen opwaarts. Als de stille nacht haar' sluijer Over 't zwoegend aardrijk spande, En het zacht en vriendlijk maanlicht Als een beeldnis van Gods liefde, Over 't rustend aardrijk waakte, Sloten zij de bloemen-oogen, Tot de morgenzon haar wekte En de paarlen van haar kaste.

Zij verhaalden mij de sprookjes Mijner stille schoone kindschheid, Toen ik als een teeder bloempje

Sluiten