Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bloempjes! 'kwil u steeds beminnen, Met n wandlen door dit leven ; 'k Wil nog dikwerf tot u komen , Naar uw lieve zangen luistren. Laat uw zachte stem dan ruischen, En verhaalt mij van den hemel, En van de englen, van den Vader, Die me omwaakt met trouwe liefde, Tot zijn engel eens mij afroept Naar eene andre, betre lente. Bloeit dan op mijn laatste rustplaats, Tot mijn lente weder nadert, En ik schooner weêr ontluike In het paradijs des hemels, In den eeuwgen lentemorgen !

Liefelijk luidde eenmaal zoo het lied van een dier eachte wezens, welke, als de schoonste bloemen, slechts korten tijd bloeijen en dan reeds voor deze aarde verwelken, om naar eene heerlijker landstreek overgeplaatst te worden.

10.

De Eerstelingen der Lente.

Schooner dan de schoonste bloemen,

Die de heete zomer geeft, Is mij 't eerste veldviooltje,

Als de lente weêr herleeft.

Tusschen grasjes, half verborgen, Rust zijn helderblaauwe kleur:

2

Sluiten