Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar hij, die eiken morgen vernieuwd en wedergeboren ontwaakt, en er naar streeft, om den ganschen dag zoo te zijn, hij vindt zijn beeld in de gansche schepping weder; voor hem is het groote woord aan den ingang van den dag niet te vergeefs gesproken.

IV. Eindelijk eene vierde gedachte.

Eens, wanneer deze schepping haren morgen , haren middag, haren avond gehad heeft, gelijk elke dag zijnen morgen, middag en avond heeft, zal er eene andere schepping opwaken, een eeuwige morgen dagen.

Als dan de avond onzes levens komt, zien wij eenen morgen te gemoet, waar God nog eenmaal spreken zal: .Daar zij licht!" maar dan zal er geen nacht meer volgen.

Elke morgen is het beeld van den eeuwigen morgen ; elk ontwaken het beeld van het eeuwig ontwaken. Als dan elke nieuwe morgen u eene schrede nader brengt tot den eeuwigen morgen, zoudt gij onder dit beeld treuren kunnen over uw einde ? Treurt gij ook over den dag, die wegzinkt, wanneer gij den avond ziet dalen?

Neen, gij weet, er volgt na eenen korten nacht een nieuwe morgen, en zoudt gij dan treuren, wanneer uw laatste avond komt, dat uw levensdag wegzinkt ? Neen, gij weet, een eeuwige morgen wacht u, na eenen korten slaap; zoo gij namelijk in den Heer ontslapen mogt.

10

Sluiten