Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aan zijner jaren tal is voor ons geen doorgronden.: Hij trekt in digten damp de waterdroppen zamen, En zijgt in dezen damp den regen voor ons door; Dien gieten ons de wolken,

En hij daalt op den mensch in duizend droppéls neder.

En wie kan dan verstaan, hoe Hij de wolken uithreidt ? Df hoe zijn tente dreunt ?

Zie, rondom dekt Hij haar met 't licht van zijnen bliksem,

De wortlen zelfs der zee.

Daardoor rigt Hij de volken ;

Daardoor schenkt Hij hun spijs in ruimte.

Hij vat in zijne hand de grimge bliksemstralen,

En geeft hun het bevel, wiens kruin zij moeten treffen.

Hij toont hun vriend en booswicht,

Het voorwerp van zijn' toorn."

Al deze beelden zullen in de woorden van God korter en schooner voorkomen. Thans verheft zich het onweder. Elihu vaart voort:

• Daar is het onweêr al... Wat beeft en klopt mijn hart 1 't Springt siddrend nit zijn plaats. Hoor 't daveren zijner stem,

Het dreunen van het woord, dat zijnen mond ontstroomt 1

De flikring van het licht zijns bliksems dekt den hemel,

En 's aardrijks uiterste eind'. Daar brult en ratelt weder Zijn magtge donderstem;

Sluiten