Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Als men 'nu, na de ontwikkeling dezerplagen (als gewone Natuurtoestanden, doch hier:,verschijn«nde>op het bevel Gods, en naar zijne wijsheid geleid, beperkt of uitgebreid), het enkele woord overweegt» ons opgeteekend, Exod. Hoofdst. XV: 26, waar mozes spreekt: » Zoo gij bestendig hoort naar de stem des Heeren, uws Gods, en doet, wat regt is in zijne oogen, en het oor leent aan zijne geboden, en onderhoudt al zijne inzettingen, zoo zal Ik van al de kwalen, die Ik op Egypte gelegd heb, geene op u leggen, wantik, de Heer, ben uw Geneesmeester," dan wordt het ons duidelijk, dat de Heer, zoo vaak Hij eene dezer plagen hun toezond, hun toeriep: .dat Hij den strijd farao's met hen streed;" en als wij nu bedenken, dat de gansche geschiedenis van het Huis Israël*, en deszelfs leiding door God, de geschiedenis is van elk volk en Gods leiding met hetzelve, wat roepen ons dan onze volksplagen toe? wat onze overstroomingen, onze veeziekten, onze volkskrankheden, regens en droogten ?

Sier is Gods vinger!

Ach 1 volkszonden zijn niet slechts magtiger volksvijanden, dan gansche legers krijgslieden; maar ook volkszonden en volksplagen zijn overal onafscheidbaar aan elkander Verbonden. Een God is het, in wiens hand de schale der geregtigheid en de 'besturing der gansche wereld is.

Hoe dieP trof d»* woord ook schubert , (*) toen hij

(*) Reize n, bl. 875} voorts leze men de Evang. Kirchenz., 1840, p. 381, enz., welke wij meest gevolgd hebben.

Sluiten