Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kunnen zij gemeenschap aan den Persoon hebben ? Dat gij nog zeidet aan Zijne gaven, dat kon ik nog begrijpen, maar aan den Persoon ? — Och ja, dat is eene misvatting onder de Vromen, als zij conversatie met den Heere Jezus zullen oefenen, zoo werken zij met Zijne weldaden, en zij moesten het met den Persoon ook doen. Zij moeten het niet alleen met Zijne verdiensten doen, maar ook met den Persoon. Gij zult vragen: hebben zij dan gemeenschap met den Persoon ? Ja, toch in alle manieren. Zij hebben aan Zijne ware gaven geene gemeenschap, zoo zij dezelve met den Persoon niet hebben, Dat zullen wij met drie ol vier woorden aantoonen. Vooreerst. Vinden gij en ik niet eene begeerte naar iets oneindigs ? Eene gave, die eindig en onvolmaakt is, kunt gij daarmede vergenoegd zijn ? Als gij eens eene gave des gebeds of des geloofs kreegt, zoudt gij daarmede tevreden kunnen zfn? Onze oneindige begeerte kan daarmede niet vergenoegd zijn. Dat wist de Heere Christus, daarom zeide hij Joh. XIV: 23. Zoo iemand mij lief heeft, die zal mijn Woerd bewaren, en mijn Vader zal hem lief hebben, en wij zullen lot hem komen, en zullen woning bij hem maken.

Ten 2. Die spreekwijs , geeft het klaar Ie kennen: Overmits gij kinderen zgt, zoo heeft God den Geest Zijns Zoom uitgezonden in uwe harten. Gal. IV : 6. Hand. XIII. Het waren mannen vervuld met den Heiligen Geest. 1 Cor. Vil I 49. Ik meene ook den Geest Gods te hebben. Rom. VII1: 15. Gij hebt niet ontvangen den Geest der dienstbaarheid wederom tot vreezej maar gij hebt ontvangen den Geest der aanneming tot kinderen. Gij hebt den Persoon in zijne gaven ontvangen. Gij hebt den Heiligen Geest ontvangen. Joh. XIV: 16. Hij zal u eenen anderen Trooster geven.

Ten 3. Ik zal u klaar doen begrijpen, dat gij niet alleen aan Zijne gaven, maar ook aan zijn Persoon gemeenschap hebt. Van de gaven kunt gij niet zegden , dat zij een Zegel en Onderpand zijn. 2 Cor. 1 : 22. En met mijn Woord en Geest ben ik in het midden van ü, zegt God. Hagg. 11:6. 1 Cor. 11 j 12. Wij hebben ontvangen den Geest die uit God is.

Sluiten