Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ten Vierden. De Geest converseert met heli, door </eloofs-werkzaamheden ia hunne harten te werken; zulk een veranderde, zult gij op zijne knieën vinden: zij zullen den Heere zoeken te vleijen: Zij komen met hunne deugdeijes. Heere 1 zeggen zij, zie toch op mij. Dan zegt de GFEst, wat moogt gij al voor God nederliggen met uwe deugdetjes? Gij dient eenen God, die de zonde niet ongestraft kan vergeven, maar al uwe zonden moeten met eeuwige straffen gestraft worden. — Och Heere! zeggen zij, dat bevat ik. Daarom worden zij dan moedeloos en radehos ; wat helpt het dan al, of ik om genade lig te bidden, Gij moet voldaan worden! Maar daarop antwoordt de Geest . Zijt niet al te moedeloos, daar is hulpe besteld bij eenen Held, die wil u wel aannemen. De Gekst doet hun Jkzds beminnelijkheid zien, en daarop zeggen zij: Och, het is gedaan. — Ik ga van denRkgter naar den Middelaar, lk kies Hem, ik reikhals naar Hem. Ach! dat ik in Hem mogte gevonden worden! — Het blijft hun in het eerst nog zoo donker, zoodat zij niet weten of Hij hen wel wil aannemen en daarop worden zij wederom wel eens moedeloos; doch de Geest zegt: hervat hef, en dan hervatten zij het zoo dikwijls, dat zgzeggen: ik moetsterven, aan üwe voeten moet ik sterven; en als dan komt de Gkrst converseren, en Hij zegt: gij hebt deel aan al Zijne schatten en goederen 1 Cor. VI: 1. Gij hangt den Heere aan; en gij zijt één geest met Hem. Gij hebt deel aan Zijn lijden, aan Zijne heilige ontvangenis en geboorte; aan Zijne volmaakte gehoorzaamheid; aan Zijne voorbidding; aan Zijne sterkte; aan Zijne heerlijkheid; alle de goederen des genadeverbonds zijn u geschonken, Rom. Vil 1: 32. Alle dingen zullen n met Hem geschonken worden.

Kom, laat ons u nog een weinig inleiden, het kan u niet vervelen. — Daarna converseert de Geest zoodanig met hen, dat Hij zegt: ik zou eens bidden, eens lezen. Heere, zeggen zij, ik kan niet bidden. Hebt gij dan geen gebrek, geene nooden, zegt de Geest. Zijn die en die zaken u met schoon? Ja, Heere, zeggen zij dan. _ Laat mij u dan eens leiden als bij de hand, zegt Hij, endaar maakt

Sluiten