Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Br. den ouden hernam nu bet woord in proza en drukte in bezielde, krachtige taal de gevoelens van liefde en hoogachting uit, die allen den Voorzitter toedragen. Hij opende voor aller oog dat prachtig geschenk en las de dichtregelen, die er door een tweetal Bestuurders in geplaatst zijn. Met innige belangstelling werd dit alles door de talrijke vergadering aangehoord, die na het aannemen van het geschenk door den President onmiddellijk aanhefte Ps. 134 v. 3.

De President beantwoordde het een en ander op de hem eigene wijze. Hij is diep getroffen. Daarvan dragen zijne woorden het bewijs. Hoewel Gode in de eerste plaats van alles de eere toekomt, is hij echter aangedaan over de blijken van liefde, die hij thans mag ondervinden. Hij ziet daarin eene waardeering van'zijn werk, en wenscht, dat al de broeders én zusters zich hoe langer hoe nauwer saam mogen verbinden tot het zoo heerlijke werk, dat de Vereeniging in 's Heeren kracht heeft verricht en verder hoopt te verrichten. Mochten eenmaal zijne kinderen geen kinderen nalaten,, zoo vermaakt hij dit geschenk ten eigendom aan de Vereeniging. Vervolgens vertoonde hij een photografie in zwarte lijst, voorstellende de graven van zijne Echtgenoot en zijnen laatstovcrleden jongsten Zoon, hem door het Jongeliedengenootschap vereerd, waarover hij zich verheugt en zijn dank uitbrengt. In dien dank deelden nog eens alle Bestuurders en Werkende Leden. Treffend en gepast was echter de toespeling, die de President op de zilveren sloten van het album maakte, betuigende hij, op het voorbeeld van Luther met den zilveren beker, dat zoo de Vereeniging het noodig mocht hebben, hij even zoo dit zilver er zou afrukken te haren dienste, liever dan het voor zich te behouden. Hij eindigde met nog eens aan het ieiort te doen denken en alle leden op te wekken hiervoor in het Vervolg te waken.

Vervolgens trad eene Commissie voor uit de leden der Vereeniging, bestaande uit de Broeders a. terstall jr., j. de wilde en b. h. blankenberg jr. Broeder terstall voerde het woord en bracht ook namens de leden den President een woord van dank toe, terwijl hij hem uitnoodigde zich met de Commissie eenige oogenblikken te verwijderen om het cadeau te bezichtigen, dat hem door een groot getal leden wordt aangeboden, bestaande in eene mahoniehouten boekenkast met zilveren plaat en inscriptie. De vergadering zong inmiddels de laatste coupletten van het Feestlied.

Teruggekomen, betuigde de President zijn hartelijken dank en besloot alles in deze woorden, dat hij zichzelven opnieuw ten dienste der Vereeniging stelt, en, biddende om 's Heeren hulpe, haar van nieuws zijne krachten wil wijden.

Sluiten