Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dergenen die geoogst hebben, is gekomen tot in de ooren van den Heere Sebaöth."

Is het nu denkbaar M. H. dat de Christelijke Religie, toen ze de wereld inging, tegen zoo misdadigen stand van zaken geen positie zou hebben genomen? Gij weet toch, hoe, in nog erger mate dan thans, soortgelijke sociale toestanden, als nu het huidig Europa en Amerika in spanning houden, destijds den naderenden val profeteerden van het Romeinsche keizerrijk, en hoe een echt Aziatisch despotisme, schier in alle wingewesten van h'et Romeinsche rijk, een stelsel van uitzuiging en uitmergeling deed heerschen, waartegen helden van het woord als Cicero vaak vruchteloos hun stem verhieven. Ook toen het evenwicht der standen verbroken; tartende weelde naast schreiende nooddruft; onmetelijke kapitalen opeengehoopt en schamele armoede weggestopt in Romes achterbuurten ; en als noodwendig gevolg hiervan: bederf in het staatsbeheer; zingenot in stee van zedelijke aandrift toongevend in de publieke opinie; en de door nood en hartstocht vervoerde menigte elk oogenblik gereed tot opstand, moord en plundering.

Het stroeve heidensche Rome is toen, evenals het lachende Griekenland, in dien bajért van menschehjken jammer verzonken; maar, eer het zonk, was er in Bethlehem een licht opgegaan en was er van Golgotha een stervenskreet vernomen, waardoor een nieuwe hope voor de volkeren gewekt was. Niet in den zin waarin men thans den Christus Gods tot een sociaal hervormer verlagen wil. Heiland der tvereld was zijn veel hooger en veel rijker eeretitel. Maar toch, de „godzaligheid", die hij onder menschen aanbracht, had een belofte, „niet alleen voor het toekomende, maar ook voor het tegenwoordige leven", zóó echter dat altoos 's menschen eeuwig welzijn hoofdzaak bleef. Ziel en lichaam mocht niet verdorven worden in de hel. De worm die niet stierf, de weening en knarsing der tanden in een vuur, dat nooit uitgebluscht wierd, waren de schrikbeelden, die, als Jezus op ons, arme menschheid, zag, hem geen rust lieten. De vreugde, waartoe hij opriep, moest de eeuwige vreugde in zijn koninkrijk zijn. En nooit is in onzen Heiland de wreedheid van den Socialist gevonden, die, om een lotsverbetering in deze korte spanne tijds van ons tijdelijk aanzijn, wild en woest alle uitzicht op een heerlijkheid, die eeuwig duren zal, afsnijdt. Revolutie is dan ook door Jezus, noch door zijn apostelen ooit gepredikt. Aan alle macht, die over ons gesteld is, hebben we onderworpen te zijn; en de arme Lazarus zal zijn wrake hebben, niet terwijl hij van de brokskens leeft, die van de tafel des rijken vallen, maar als eens die rijke - eeuwige smart lijdt en de arme Lazarus wordt vertroost.

Sluiten