Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Door hun verschillende spraken te geven. Want door het verschil der spraken ontstaat het verschil van volken. Wat eenerlei taal spreekt, dat is ook eenerlei volk. Het menschdom nu wilde altijd één volk blijven, en daarom stichtte het eenen hoogen toren en eene stad daar om heen, »opdat wij niet misschien, zoo zeiden zij, over de gansche aarde verstrooid worden/' Zij wilden dus voortdurend één volk uitmaken — en dit was volstrekt tegen de gedachte des Heeren. Niet alleen, omdat zulk eene vereeniging, in menschelijken hoogmoed een opstand tegen God was, maar ook, omdat de Heere zich een bepaald volk wilde uitkiezen uit hen allen. En hoe zou Hij dit doen, zoolang zij één volk uitmaakten en eenerlei taal spraken? Daarom, zeide de Heere, zoo lezen wij, Ziet, zij zijn eenerlei volk en hebben allen eenerlei sprake. Komt, laat ons nedervaren en laat ons hunne sprake aldaar verwarren, opdat een iegelijk de sprake zijns naasten niet hoore. En zoo zijn er onderscheidene volken ontstaan, opdat de Heer zich een eigen afzonderlijk volk zou kiezen, 't welk zijne eigene sprake had, voor andere volken ontoegankelijk.

Maar toen de Heer met dit afzonderlijk volk Zijne raadslagen volvoerd had, en het tijdstip geboren was, waarop Hij onder aUe volken Zijne onderdanen tellen en Zijn Koningrijk stichten zou, — toen .heeft Hij het onderscheid der talen weder opgeheven. En niet door alles weder tot ééne taal te brengen; dan toch zou Hij alle natiën weder tot één aardsch volk vereenigd hebben, hetgeen Zijne bedoeling niet was. Maar Hij heeft gemaakt, dat de ééne Evangelie-taal, des H. Geestes, langs den weg van alle spraken, tot de harten van alle natiën doordrong, zoodat onder alle volken één geestelijk volk verspreid is, hetwelk in Zijn hart éénerlei taal spreekt, éénerlei gedachten koestert. Wel is waar, de gave der talen beeft, om welke reden dan ook, reeds sints lang in de Gemeente opgehouden; maar de Spreker, die door die talen sprak, namelijk de H. Geest, woont nog immer in haar als in eenen tempel. En datgene, wat Hij op den eersten Pinksterdag door de verschillende talen zinnebeeldig heeft uitgedrukt, dat brengt Hij nog heden tot stand in het hart van Gods volk, namelijk, het tegendeel van de verwarring Babels; namelijk éénheid in alle verscheidenheid; éénheid in 't geen men gelooft, in 't geen men hoopt, in 't geen men bedoelt, in 't geen men roemt en prijst. En wanneer twee leden van dit vplk elkander ontmoeten, al is de een ook een Parther of Meder en de andere een Cretenser of Arabier, en al is de een ook volstrekt onbekend met de volkstaal des anderen — evenwel verstaan zij elkander, wanneer de een den ander slechts in het oog blikt of

Sluiten