Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet watv er toe dwingt! Want van alle toestanden is de toestand dezer ongelukkigen wel de verschrikkelijkste. Wa ar is wederkeering tot het leven mogel^k*! Waar staat de deur open die haar opneemt, waar is de reddende hand, die zich uitstrekt en zegt: Komt tot mij, ik zal geduld hebben met al uwe vreeselijke ligchaamsen zielekraukheden, met de aanstekelijke ziekte, die als een beenderen—verterend vuur door uwe aderen kruipt, met al de hardheid, sluwheid en schijnheiligheid van uw harte. — Waar is zoo iemand?

Helaas! zwaar is de zonde, waaraan zij zich prijs en buit geeft, die niet terugschrikt van den toestand van een verdierlijkt schepsel: maar het oordeel dat haar op hare wegen volgt, is nog zwaarder.

Terwijl de verleider, zonder zich om iets te bekreunen, zijnen weg bewandelt in gerustheid, zinkt zij van dag tot dag dieper in den afgrond, want zij wordt een uitvaagsel der menschheid, een voetwisch der volken.

Het is zoo; zij verloor haar eenig wapen: hare schaamte, en nu schaamteloos zijnde, is zij der schande overgegeven, die elke vrouw wacht, na het afwerpen van hare eenig overgeblevene kroon, die harer vrouwelijke eere en onschuld. Arm schepsel, wat is er van u geworden!

Om dit in al zijne uitgestrektheid en verschrikkelijkheid te doorzien, moet men die ongelukkigen van nabij gadeslaan, en hooren welke vaak de aanleidingen tot haren val geweest zijn. Men wordt soms gedrongen om bij zich zeiven te denken: gij zijt niet zoo schuldig; al moet men tot haar zeggen: gij hebt uw laatste goed verkocht; gij moet in de maatschappij de oogen nederslaan onder het gewigt der grootste schande.

Sluiten