Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zijn bloedig lijden en sterven* hetzij ook nog zot) kracbtig en bewegelijk, uit de beloften des Evangeliums. een' onboetvaardig mensch aan zijn verstand wor»

veel meer alle sterkst mogelijke uitdrukking verre te-bovengaand — alleruitertst zondige der zonde, van elke ook minst-schijnende zende tegen dien Oneindig Heerlijken God) van derzelver hoogste en eeuwige-straf.waarafi'gff'f'd en doem-tchuldtgheid! dat men derhalve,— min of meer in licht of duisternis, min of meer gaarne of genoodzaakt, erkenne.dat—, bestaanbaar envereenigd met de open* baring der Oneindige Heerlijkheid van God, die zich zeiven niet verloochenen kan, — de Kruisdood van Jezus Christus, den eeuwigen Zoon des eeuwigen Vaders, met het geen denzelven vooraf ging, onvermijdbaar noodzakelijk, en van eene oneindige waardij zij, tot vergeving der zonden, enz,, en dat derhalve buiten dien, het gansche menschdom, de Zondaar, (dus ook wel van zelve met insluiting van zich zeiven,) hoogat rampzalig, hulp- en hopeloos eenwig verloren was, naar een hoogst-regtvaardig-oordeel, niet eenerbloote willekenrige wils -bepaling ; dat zij oneindig verre!!!, maar) der ONEINDIGE HEERLIJKHEID van den WAREN GOD; — doch dit men zich zeiven, den zijnen en anderen, nn verder de zaak aldus voorstelle dat de Goddelijke getuigenissen Gen, 6: 5. 8; 21b. Jer. 17: 9. Joh, 3: 6a. Rom. 8: 5060,7, 8. Rom.3: 1—9. Efez. 3:3. en ontelbare dergelijke, geenszins in allen nadruk meer toepasselijk zijn op den mensch, althans niet op hen die nit Christen-ouders geboten , te midden of onder het Christendom opgevoed en onderwezen worden) dit (volgens de geopenbaarde dingen, welke, in onderscheiding vin de verborgene dingen dei Heeren, voor ons en onze kinderen zijn (1), die zonde- en ellende staat, ten aanzien van betrekking tot God, van natuur en hart, btttaan en gedrag jegens God, alreeds vóór de geboorte , alreeds voor zoo vele eenwen, zoo al niet met insluiting van de genen die van Christus niet gehoord hebben (2) althans met opzigt tot allen dezen, Cmet toepassing ook vooral op zich zeiven,) van der jengd tf moet beschouwd worden, onder zekere aan den mensch toevertrouwde voorwaarden, gepasseerd

(t) Deut. ao: 19.

(2) Rjm. t en s. 10: 14.

Sluiten