Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tangen, dat hij voomeetfit het op dat stennsel alleen

bron-mier van de liefde cnvan al vrat verder tot bet geestelijk leren *n de godzaligheid behoort, doorgaans genadig en kraéhtdadigVerleend vvordt, wordtj als eene afwijking van dat doorgaande, wel eens ten aanzien van dé levendige vólkomene oefening van dat geloof, naar het gemaakt en volmaakt bestek, (1) terug, gehouden; dit A-an uit de H. Schrift, (welke voorwaar gcenszins-aan ondervinding onderworpen , maar omgekeerd , deze volstrekt getrouwelijk aan dat woord getoetst moet worden I) bewezeu worden; doch veel overvloediger , daaruit worden aangetoond, dat het dan altoos eene afwijking van het doorgaande is , waarvan het zelfs moeijelijfc zal zijn, in de opregt-geloovigen, en godzaligen •, in de H. Schriften vermeld . (onder alle andere wisselingen) ook maar één voorbeeld aantewijzen; aaniewijxen, zeg ik* dat is wat anders dan slechts te vermoeden, dat misschien dezen of genen Bijbel-Heilige, in deze of gene levens—omstandigheid eens voor een' poos, door Goddelijke Wijsheid en Liefde terug gehouden zij , het krachtdadig licht van den Geest des geloofs om, met volkomen—geloofsemhelzing en vertrouwen, de geregtigheid , en alzoo dan ook de sterkte, en alle volheid van genade , van den beloofden en nczonoeiieu Zoen-Sliddelaar, aantegrijpen en vastfeAotiden, tot, (in Zijne gemeenschap alleen beloofde.) Vaderlijke,vergeving, (Matth. 6: 12. 1 Joh, 1: 8, 9. 2s i , Si Psalm 52 ) en vernieuwde genezing of reiniging van de zonde, en toenemende heiligmaking. De ware geloovige heeft, in het licht der Heerlijkheid van God , niet alléén vóór , maar veel meer nog na bet geloof, met de Liefde nit het zelve , zulk eene kennis van, en zoodanige smarte over de oneindig zondige zonde ontvangen, dat in en uit den geloove, en door die liefde , en al naar mazij met hare vruchten levendiger is , eene boet- en bid—taal in zijn harte ligt en daaruit voortvloeit, als Psalm 19. 25. Si. 150. Job. 42 : S, 6. Rom. 7. 2 Cor. 7 : 76—11. Jer. 51 <

(1) Psalm 89: vs 1 in Rijm.

Sluiten