Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Vader wil zoo! dit te gelooven, dewijl men het weet, dat maakt eerbiedig zwijgen mogelijk; de Vader alleen weet wat goed is voor ons en de onzen; des Vaders wille geschiede! Daar is iets onbeschrijfelijk liefelijks in het vertrouwen en de vertrouwelijkheid van een kind; zoodra het zich bevindt in de nabijheid des vaders, zwijgt en klaagt en vraagt het niet meer. Wat zon het u, aardsche vaders en moeders, leed zijn, indien uw kroost uwe liefde verdacht. Menschen, weest, blijft tegenover dien Vader kinderen en kinderlijk gezind. Hij doet het; Hij wenkt; de tijd van heengaan is daar; vraagt niet: waarom nu reeds? waarom deze, zoo nuttig werkzaam, en de kroon van zijn huis; waarom nu reeds; meet niet uit de lengte van tijd, waarin hij nog nuttig had kunnen zijn; ziet niet op anderen, wier leven voor hun gezin, voor de maatschappij zich reeds sints lange schijnt overleefd te hebben; vraagt niet; alle vragen zijn reeds vooraf beantwoord in dat eene, in dat alleszeggende woord: Gij hebt het gedaan! Gij, onze God, onze Vader!

Gods wil is eeuwig goed.

Laat hem, die kiezen moet, Slechts naar Gods keuze vragen!

Dan blijft zijn tred gewis:

Hem zal geen duisternis Het hart van angst doen jagen.

Ja, 't pad is altoos goed,

Dat God betreden doet. Het zij besproeid met tranen;

Het loopt voor 't kinderhart

In 't eind niet uit op smart: Dit mogen slaven wanen.

(Uitgezochte Liederen, CVT, vs. 3 en 13).

Sluiten