Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BIJ HET GRAF.

"Alle vleesch is als gras, en alle heerlijkheid des menschen is als eene bloem des velds."

Zoo ieder graf ons deze waarheid herinnert, dit graf vooral dwingt ons te denken aan die spreuk.

Jaren lang verkeerde de ontslapene, wiens stof hier rust, in ons midden als het beeld van mannehjke kracht; hoog geplaatst in de maatschappij, werd hij met wereldsche eer gekroond; een gelukkig te huis ontsloot hem de meest liefelijke wijkplaats bij 't weinige leed, dat h|j proeven moest, en 't scheen dat een langzaam naderende ouderdom niet voornemens was spoedig iets van dat alles te rooven.

Helaas, weinig weken, weinig dagen en — het is met hem gegaan als met het gras, dat verdort, en de bloem, die afvalt.

Wat kost z\jn heengaan ons veel.

Hoe naauwkeuriger wy hem leerden kennen, hoe hooger hij rees in onze schatting, hoe scherper oog wij kregen voor het zelfstandige en edele van zjjn karakter. Regtschapen naar den uit- en inwendigen mensch beide; billijk en bezadigd van het spoor zijner overtuiging niet wijkende, tenzij

Sluiten