Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tweeden dag, het werd de derde dag, en het werd nog erger, ik werd hopeloos en geloofloos, biddeloos, troosteloos, enz.; mijn ziele was in gevaar, het was gansch verloren, de satan trachtte mij om te brengen, gelijk voortijds, hoewel de Heere, toen ik een gezicht gekregen had op den Heere Jezus, mij beloofd had in mijn hart: Houd goeden moed, Ik heb de wereld overwonnen, enz. De Heere had mij uit den hemel op mijn gebed beloofd alles te schenken, indien ik het in den naam van Zijn gezalfden Koning zou vragen, enz., maar daar had ik op dit oogenblik niets aan, ook had de Heere mij laten zien, hoe de Heere Jezus den satan overwonnen had; ik werd op een zekeren keer eens zoo bang van hem, dat de dood mij te benauwd werd, toen leidde de Heere mij in de woestijn, en zeide: Kom en zie; maar ik durfde niet, ik was achter een berg verscholen, maar de man, die tot mij sprak, zeide: Kom, en nam mij bij de hand, en leidde mij op eene vlakte, en daar zag ik nog twee mannen, die mij toeriepen: Vrees niet; toen zag ik bij die twee mannen een afschrikkende bergplaats, van ijzer gemaakt, en onuitsprekelijk sterk; rondom dicht, daar voor gebracht zijnde, zeiden de drie mannen: Wees niet bang en schrik niet, want gij zult satan zien, gebonden voor u. Toen werd er een schuif open gedaan, en ik zag en werd met verbazing aangedaan, en ziet, ik zag den satan, geklonken in ketens, enz., gelijk een brieschende leeuw zat hij daar neder, een rook van vuur als sulfer ging uit zijn hart, oogen, idem, enz. Toen zeiden zij: Keer weder, en ziet, ik was weer in mijn gewonen staat, enz. enz.

Vervolg van den derden dag. Toen was het avond geworden, en het werd tijd om naar bed te gaan, zoo ging ik met vele vreeze naar mijn slaapstee, daar boog ik weder v mijn knieën, en satan vloekte mij, en trachtte met geweld mij te verhinderen te bidden, ik was bange, maar riep des te harder naar den Hemel, om van God den Vader te

Sluiten