Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Daar bromt de klok elf doffe slag-en, Als wilden zij van Hem gewagen, Die dienaars uitstiet in zijn gaard, Hij wilde niet beschamen, Die pas ter elfder ure kwamen, Maar heeft hun 't volle loon bewaard.

Daar slaat de klok zijn laatste slagen, Juist zooveel stammen Isrels zagen, Vol hoop naar Vorst Messias uit, Hij kwam; zij konden 't niet gelooven, Die stal ging hun begrip te boven, Alle aardsche roem werd daar gestuit.

O mensch! zult gij nu vragen: Wat leeren mij die slagen ? Dat een dier klokkeslagen, Wijst 't einde van uw dagen, En dat ja iedere klokkeslag, U wijst op -eenen eeuw'gen dag. Zoek dus heden en niet morgen, Dat uw ziele word' geborgen.

Sluiten