Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORBERICHT.

omdat de Remonstrantsche leer door onze vaderen zoo veroordeeld is met Gods Woord, hebben de wijzen dezer eeuw een anderen naam voor de leer van Arminius uitgevonden, n.l. die „nieuwe verbondsleer," die in den grond niets verschilt van de algemeene genadeleer. Men mag elkander over bijzaken bestrijden, wat bij nauwkeurig onderzoek nog uit partijzucht voortkomt, doch over de gronden van die algemeene genadeleer is men het eens, en daaruit hebben ook de tegenwoordige dwalingen over doop en Avondmaal hunne afkomst, en helaas.' de groote menigte gelooft, (gelijk vroeger) wat de kerk gelooft, omdat de kennis der waarheid zoo uitsterft. Des Heeren Woord en de geschriften onzer Vaderen onderwijzen ons zoo duidelijk in de leer der twee verbondshoofden, dat alle menschen hoofd voor hoofd van natuur in Adam verdoemelijk zijn, zoodat zelfs de kleine kinderen zonder dadelijke zonden, aan de heerschappij van den lichamelijken, geestelijken en eeuwigen dood onderworpen zijn. Rom. 5 : 14. Maar de dood heeft geheerseht van Adam tot Mozes toe, ook over de genen die niet gezondigd hadden in de gelijkheid der overtredinge Adams, welke een voorbeeld is den genen, die komen zoude. En dat alleen de uitverkorenen in Christus den tweeden Adam worden ingelijfd, door eene Goddelijke wedergeboorte, niet door het gebed van de zwangere moeders, evenmin door den doop; men staat verwonderd over de verregaande dwalingen die men tegenwoordig hoort. Geen wonder dat het ware overblijfsel in ons Vaderland een zeer donkere toekomst tegemoet ziet, omdat het werk des H. Geestes zoo openbaar geloochend wordt; dat er nu kleine kinderen zijn die evengoed met deze verborgen inlijving in Christus en met de inplanting van het rechtvaardig makend geloof van God begenadigd worden, is ontegensprekelijk, het voorbeeld van Rebekka leert ons dat duidelijk. -Rom. 9 : 10 -13. Ende niet alleenlijk deze, maar ook Rebekka is daarvan een bewijs, als zij uit eenen bevrucht was, namelijk Izaak onzen vader. Want als de kinderen nog niet geboren waren noch iets goeds of kwaads gedaan hadden, opdat het voornemen Gods, dat naar de verkiezing is vast blevej niet uit de werken, maar uit den roependen, zoo werd tot haar gezegd: de meerdere zal den mindere dienen. Gelijk geschreven is, Jacob heb ik lief gehad en Ezau heb ik gehaat. Doch 's Heeren Woord leert overvloedig dat het meerendeel op verderen leeftijd door Gods vrijmachtige genade bekeerd worden, dit wordt door ervaring van 's Heeren begenadigd volk bevestigd, dat zij dood in zonden en misdaden geleefd lubben, tot het uur der minne toe, toen de vrijwerkende Jehova Zijn Woord bekrachtigde door de inwendige levendmaking en de roeping, dat zij met de H. Geest en met vuur zijn gedoopt geworden. Dit onderscheid van den water- en vuurdoop is door mij beschreven in de zamenspraak over doop en avondmaal.

Het steunsel van land en volk sterft uit, sommigen door den dood en anderen door den geest des tijds, zoodat wij wel mogen

Sluiten