Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die betrachting van den Heere. te zijn, dat men bij iedere daad van middelgebruik zuchtende verkeert, tot den invloed des Geestes , met dien indruk , en zulk een geloof, waardoor men erkent, dat zonder die invloeden van den H. Geest, geen middel (hoe dierbaar het in zich zeiven is) van eenig zalig gevolg en uitwerking kan zijn, noch in het een noch in het ander. En zoo zullen als vanzelf, die beide uitersten uitgesloten zijn , door zulk een gebruik.

Hat dit laatstgenoemde , de regte middelweg is , leert ons overvloediglijk de H. Schriftuur; echter zal ik mij niet ophouden , met bewijzen uit onderscheidene plaatsen der zelve ter bevestiging aan te voeren ; maar ik zal mij alleen bezig houden , om uwen aandacht zulks aan te wijzen als vervat in ons Tekst-Hoofdstuk, tot welken einde wij (om tot het verband te komen) moeten weten: Dat deze brief geschreven is, in het algemeen aan alle de geloovigen , volgens het opschrift in vers 1. De inhoud van den brief vervat in zich zeiven, al zulke zaken , waardoor de geloovigen vertroost, versterkt , opgewekt en tegen eenige dingen gewaarschuwd worden, gelijk uwe aandacht daar zelfs in vernemen kan. Onder anderen leert de Apostel in den inhoud van dit eerste Hoofdstuk in het gemeen , den geloovigen , de zaken welke beoefend moeten worden ten opzigtvan eenen hun betamende Godzaligen wandel, tot welk hij hen ook in alles toont behulpzaam te willen zijn , ten einde zij kennis en verzekering van de natuur dezer zaken moglen bekomen. Ook meer bijzonder, dat petrus hier betoogt, is

1. Dat hij den geloóvigen aanwijst de eenige grondslag, waar uit de benaarstiging van een Godzaligen wandel, door hen als tweede oorzaken van hunne daden, moest vloeijen , vs. 3 , 4.

2. Dan hetgeen door hen uit dien grond moest voortvloeien , tot betrachting in hun dagelijksche treinsleven voor den Heere , van vers 5 tot 7.

3. Dan toont hij aan de onmisbare noodzakelijkheid van zulks, vers 8, 9 en 10.

Sluiten