Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den, en Ie doen doorgaan, zonder te beproeven, of het nit God is of niet. Het is waar , het woord is ten allen tijde Goddelijk ; maar de oorzaak waardoor eene Goddelijke waarheid in komt, kan wel geheel ongoddelijk zijn; o dat heeft de mensche wel te onderzoeken, opdat hij met geen ligtvaardig aannemen van zoo iets zich zeiven bedriegt en misleidt. Maar die acht nemen op des Heeren woord, zijn gewoon, met alle zaken in te keeren tot dat woord , en alle dingen en bevindingen , welke daarmede niet overeenkomen, verwerpen zij als verdorven geestdrijverij. Hier zijn ook de oogen des wijzen in zijn voorhoofd. Doch wij zullen daar zoo oogenblikkelijk iets meer over moeten zeggen , daarom zien wij daar nn af.

b. Zien wij dan nog wat petrcs in het prijzen van deze daad, betrekkelijk het acht nemen op des Heeren woord zegt: gij doet wel dat gij daarop acht hebt, waarin wij aamerken/dat

1. Wanneer wij dit weldoen vatten ten opzigte aan de zijde Gods, dan sluit het in dat verheerlijken van Hem , door geloof en liefde in en tot het Woord des Heeren , hetwelk den Heere welbehagelijk is, van waar Hij zijne hooge goedkeuring doet kenbaar worden over zijn volk , in dit hun doen. 0, Vrienden ! door dezen weg wordt God verheerlijkt, en het wordt de ziele toegekend van Hem, als eene daad van zijn bevel te doen, waarop Hij- de toezegging zijner beloften doet sluiten. Zoo zeide de Heere tegen kaïit , t* er niet indien gij weldoet verhooginge ? Gen. IV : 7.

2. En vatten wij het aan de zijde des menschen, dan doet bij niet alleen wel, omtrent het bevel des Heeren, maar ook omtrent zijn eigen ziele, uit kracht van de ware bevoordeeling van dien wegens de uitwerking van het acht geven op het woord des Heeren , over welke zaken ik mij nn niet uitbreiden zal, maar wijzen nl, die geen vreemdelingen zijt van de zaak, op nwe eigene ontwaarwording in de gevallen van die dingen.

B. Nu hebben wij nog te overwegen , de manier op welke dat acht nemen op des Heeren woord, door petros

Sluiten