Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dergelegd heeft, is het toch machtig." —• „Ja, moeder, maar toch zal ik geen twaalf jaar worden." En dat geloofde hij zeker.

Dc Maandag werd onder Teel smarten doorgeworsteld, en zoo werd het Dinsdag. O, dag Tan gewicht! Maar toch zalig, zalig einde!

„Vader!" — zoo sprak hij, — „nu heb ik geen bidders meer noodig; nu heb ik een' Voorbidder in den hemel! En er zullen ook geen bidders meer komen." En aldus is het ook geschied.

Plotseling werd hij door eene groote benauwdheid OTervallen, en allen, die om zijne legerstede geschaard stonden, hoorden hem uitroepen: „Heere! neem mij nu, als het U belieft, maar op in Uwe heerlijkheid!''

Daar gingen bloedTerwanten en Trienden aan 't schreien; moeder Terloor het bewustzijn, — in één woord: het was een droeTig tooneel!

Een kwartier lang ongeTeer lag de jeugdige strijder daarop stil.

Toen Terrees hij als uit den dood en sprak: „Wel, wel! Onze lieTe Heertje wilde mij nog niet hebben. En nu zal ik eens zeggen hoe jelui gesteld waart, toen ik als vermoedelijk dood was." En dat wist hij precies; hij wees een ieder zijne plaats aan; hij keek allen aan en zei toen, dat hij er een miste. „Die is juist naar huis gegaan," — werd hem geantwoord. „Roep haar dan!" — zeide hij. En toen ze gekomen was, sprak hij: „Kom nu één Toor één bij mij en geef mij uw hand." En nadat hij op deze wijze Tan allen afscheid genomen had, sprak hij: „Nu moet je niet Terschrikt wezen, want ik ga sterven!" Toen OTerzag hij alles nog eens en bad andermaal: „Och, Heere! neem mij nu, als hetUbelieft,maar op! Och! och! kan ik dan niet sterren? O, Tader, Onze lieTe Heertje wil mij nog niet hebben." Bij deze woorden rees hij weer op en riep uit: „Dag, lieTe Tader! Wij zullen elkander wederzien en eeuwige halleluja's zingen! Dag, lieTe moeder! Ik dank u! Ik dank u! Dag, lieTe broeder! Dag, lieTe zusters! Dag! Dag!" — Zeker wel twintigmaal. Zijne moeder Troeg hem waarom hij dat deed. En het antwoord luidde: „Voor de heele wereld! Nu ga ik naar mijn' Tolzaligen God. De engelen wachten mij al! Dag, lieTe Tader! Halleluja! halleluja! halleluja!"

En toen zonk de jeugdige strijder weg in eeuwige Terwondering, en zijne taak was Tolbracht

Maar neen, lieTe Trienden, het einde was nog niet gekomen. Ongeveer een paar uren, Toordat hij de eeuwige halleluja's zou

Sluiten