Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door de zonde en misdaden: zoo wilde de Heere hun tegelijk leeren, dat Hij was die Almagtige God, welke boven de magt en boven het begrip des menschen hun zoo gemakkelijk zoude verlossen door den dood zijns Zoons, en door den Geest, uitgezonden in hunne harten, zoo ligt als het Hem was, om de doodsbeenderen te vergaderen, te overtrekken en leven te geven. Ook doet ons dit geheele werk der doodsbeenderen denken aan den afval der Kerk van de zuiverheid der Leer des Evangeliums, waarvan Christus en de Apostelen gesproken hebben 2 Thess. II: 3, met Matth. XXIV: 23,84. 1 Tim. IV: jpj 2 Petr. II: £ 1 Joh. II: 18. Openb'. II:' 11—13; welke verborgenheid der ongeregtigheid in Paulus tijden aireede wierd gewrocht, 2 Thess. II: 7daar zouden ook ten opzigte van de zeden zware tijden ontstaan; want de menschen zouden zijn liefhebbers van haar zeiven, geldgierig, laatdunkende, hovaardig, lasteraars, den ouderen ongehoorzaam, ondankbaar, onheilig, enz. 2 Tim. III: 1—5. Dit verval in de leer en zeden noemen wij het Babyion, volgens Openb. XIV- 8 XVI: 19. XVII: 5. XVIII: 2, 10, 21; als zijnde voorgebeeld door den staat van Israël in Babel, zoo ten opzigte van haren doodelijken toestand, als ten' opzigte van hare gewisse en krachtdadige verlossing : en betrekkelijk die aanstaande verlossing hebben wij tot ons oogmerk, om tegenwoordig te spreken van zekeren trap onzer levendigmaking, en hoe verre die gekomen was, en waar het bleef staan. Onze tekst zegt: dat de beenderen waren vereenigd tot een ligchaam; maar daar en was geen geest in haar. En zoo zien wij dan in den tekst twee deelen. Want 1°. werd verhaald, hoe verre het met de doodsbeenderen op Ezechiëls profetie vorderde, en dan 2°. waarbij het met de doodsbeenderen staan bleef. Zij bleven een dood ligchaam!

L Van het eerste zegt de Profeet, vers 7: Doe pro-

Sluiten