Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

»Hoe dit zij, jezus is nictttemin onze volkomen Zaligma»ker, die gestorven is voor onze zonden."

Er was niets onnatuurlijks in den brief van den heer bauduin aan den heer poinsot. Hij had eene eerste poging gedaan, om met de Roomsche Kerk te breken, en zijn priesterschap vaarwel te zeggen.

Maar het kwam er na op aan, om zijne begoochelingen den bodem in te slaan, en hem op de wegen van den Heer te wijzen. De predikant poinsot deed zulks in een zeer merkwaardig antwoord. Wij kunnen niet nalaten eenige bijzonderheden uit dezen brief mede te deelen; niet twijfelende of dezelve zullen met belangstelling door de vrienden der waarheid gelezen worden.

Charleroi, den 23sten October 1850.

Gij bevindt u, waarde Heer, in gewigtige en moeijelijke omstandigheden. Ik zeg gewigtige; want het is om de eeuwige belangen uwer ziel te doen. Er zijn in uw hart ernstige twijfelingen opgekomen over de leerstellingen uwer Kerk, en uw geweten zal geene rust kunnen hebben, vóór gij de waarheid zult hebben gevonden. Zij zijn nioeijelijk; want gij zult menigvuldige hinderpalen ontmoeten, en veel strijd te strijden hebben.

De priesters der Roomsche Kerk zijn van alle zijden in het net der geestelijke heerschappij verward. Alles is zeer schoon in hunne opvoeding cn in de positie, waarin men hen geplaatst heeft, berekend geworden, ten einde alle . uitgangen rondom hen af te sluiten, en hen te beletten, aan de boeijen die hun drukken te ontkomen.

De banvloek der geestelijkheid en de veraehtting der leeken wachten en vervolgen onophoudelijk dengenen, die door het licht des Evangelies bestraald, moed of liever geweten genoeg hebben, om hunne banden te verbreken, en naar de eerste voorschriften van het Christendom te wandelen.

Sluiten