Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EERSTE AFDEELING.

GODS KERK IN HET ALGEMEEN BESCHOUWD.

vestiging der kerk gods op aarde.

De Kerk Gods is niet altijd op deze aarde geweest. Haar bestaan dagteekent niet van de schepping der menschen. Zy kon er niet zijn, voordat er zonde was. Zij heeft haren oorsprong uit het genadige verlossingsplan van God, dat eerst door de zonde en daarop gevolgde ellende in werking kon komen.

In den beginne schiep God den hemel en de aarde , die uit niet voortbrengende met alles wat er in* en op is door Zijnen almagtigen wil alleen. Onder de talrijke menigte der schepselen was het de mensch, die bij uitnemendhe,d he. heerlijk pronkstuk van Gods handen mogt heeten. H.j vormde den mensch uit de aarde en gaf den eersten man eene gade uit zijn eigen vleesch. Adam en eva schiep Hij, opdat uit hen, als uit éénen bloede, het ga'nsche geslacht der menschen sou voortkomen. Deze twee, met voortreffelijke vermogens naar ziel en ligchaam begiftigd, waren daarenboven naar; Gods beeld geschapen, in ware geregtigheid en heihgheid. Hierdoor waren zij bekwaam en 'geschikt om God hunnen Schepper te kennen, in de gemeenschap,met Hem te leven, Hem hef te hebben en te verheerlijken. Gods wet was in hun hart geschreven, en die onderhoudende waren zy hoogst

eelukkis. , , .

In deze eerste bedeeling had God met adam, als he vertegenwoordigend hoofd en den stamvader van geheel het menscnelijk geslacht, een verbond opgerigt, op welks onderhouding het leven beloofd was , doch in geval van overtreding de dood bedreigd. '

Sluiten