Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

melding gemaakt wordt, zoo zijn de voornaamste waarheden des geloofs in deze openbaring opgesloten , en geeft zij ons veel licht omtrent de Kerk Gods, waarvan nu de grond gelegd werd.

Wij vinden hier twee tegen elkander overstaande partijen vermeld; de eerste is de slang met haar zaad. De slang is de duivel, het hoofd der afgevallen engelen, naar de onfeilbare verklaring van johahnes (Openb. XII: 9). »De groote draak , de oude slang, welke genaamd wordt duivel en satanas, die de geheele wereld verleidt." Het zaad der slang zijn niet slechts de afgevallen geesten, die hunnen overste gehoorzaam zijn; maar ook goddelooze menschen, die het beeld des duivels dragen en zijne onderdanen zijn; daarom door johannes genaamd: » Adderengebroedsel," (Matth. III: 7), en door jezus dus toegesproken (Joh. VIII: 44): «Gij zijt uit den vader den duivel, en wilt de begeerte uws vaders doen. Die was een menschenmoorder van den beginne, en is in de waarheid niet staande gebleven." De andere partij is de vrouw, eva , uitdrukkelijk aangeduid: »Deze vrouw ," die hier tegenwoordig was. Het zaad der vrouw is christüs, die uit eene vrouw, uit ééne van eva's nakomelingen zou geboren worden; niet als een zaad des mans, een zoon van adam , maar uit eene vrouw, zonder toedoen des mans; volgens Jesaia VII: 14: «Eene maagd zal zwanger worden en zij zal eenen Zoon baren en Zijnen naam immanuel heeten;" en padlds (Gal. V: 4): »Wanneer de volheid des tijds gekomen is, heeft God Zijnen Zoon uitgezonden, geworden uit eene vrouw." Tot dit zaad der vrouw behooren diegenen uit de menschen, die door het geloove met christüs vereenigd zijn, als de ligchaamsleden met het hoofd, die, Zijnen H. Geest hebbende , Zijn beeld dragen, Zijne onderdanen zijn, gelijk de Apostel van hen zegt: «Wij zijn leden Zijns ligchaams, van Zijn vleesch en van Zijne beenen." (Ef. V: 20). Hier zien wij, dat God, ofschoon Hij het geheele menschelijke geslacht zou hebben kunnen verdelgen, nogtans gewild heeft, dat het zou worden voortgeplant; dat niet alle menschen zouden verloren gaan,

Sluiten