Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maar die mede aan de afbreking van Zijn huis hebben gearbeid, of geijverd hebben niet zuiverlijk voor Godsreere, met de roede bezoekt, slaat' om hunne afwijkingen en overtredingen , Zijn aangezigt voor hen verbergt en hen in treurig duister laat wandelen -t- als de Heere deze dingen over Nederland en Zijne Kerk onder ons brengen wil, wat zullen wij dan zeggen ? Dan zou het zijn: de hand op den mond! Hij is de Heere! Hij doet ttiet dan 'wat regt is! Buiten twijfel ! Zijn raad zal bestaan, Hij zal al Zijn welbehagen doen. O diepte des rijkdoms, beide der wijsheid en der kennisse Gods; hoe ! ohdöötfzoèkelijk zijn Zijne oordeelen, hoe onnaspeurlijk Zijne wegen*!

IS ER NOG HOOP ?

' :,Is' et nog hoop? Na zooveel treurigs en ontmoedigends, als de beschouwing van den staat der Kerk, bepaaldelijk in ons vaderland, ons heeft opgeleverd, doen wij zoo gaarne deze vraag. Velen zullen niet aarzelen haar bevestigend te beantwoorden. De menschen vinden zoo gemakkelijk gronden van verwachting voor hetgéen zij vurig wenschen en begeeren. Wij mogen zoeken , ja ernstig zoeken naar eenigen grond van hoop; alleen dat wij niet partijdig zijn; ons door Woord en ervaring,' niet door onze eigene begeerte latende leiden.

Is er nog hoop? Mogen wij betere tijden voor de vervallene Godsdienst spoedig te gemoet zien ? Breekt reeds de dageraad voor de Kerk in Nederland aan? — Aan *s menschen zijde, van hetgeen menschen doen of pogen te doen, zullen wij wel te vergeefs het goede wachten. Waarlijk , het is niet van de bergen, of van de menigte der heuvelen. Maar zou God niet opstaan te onzer hulpe, en redding 'gebieden ? —|Hij kan het, ja! want Hij is almaglig. Hij spreekt en het is er ; Hij gebiedt en het staat er. Hij kan zeggen: »daar ïij licht'!" en het licht zal er zijn. Hij kan Zijnen Geest

6 *

Sluiten