Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beu. Doet als Jezus! brengt den zondaar in verbazing door uwe liefde, en openbaart hem hoe slecht hij is, door hem te toonen hoe goed gij zijt. Er ligt eene aantrekkingskracht in dien schimp: „Hij is tot een zondig mensch ingegaan," die gevoeld wordt in de achterbuurten en de verstootenen rondom Hem schaart. Zedepreeken hooren zij van de Farizeën, liefdestemmen, schoon even rein en meer verheven, slechts van Hem.

Die gedachte: Daar staat Hij, de zachtmoedige profeet, die om onzentwil den smaad draagt, welken wij regtvaardig verdiend hebben, bereidt, bereikt en verteedert het gemoed; zij verklaart het ons, waarom het volk Hem zoo gaarne hoorde. „Jezus zoekt u! Zacheus kom af!" Dat is een magtwoord voor hem, die zich zeiven als zondaar erkent, die door anderen als verloren beschouwd wordt; terwijl de Parizeer, beleedigd door eene genade, die hij onnoodig acht, ook onvatbaar is voor eene liefde, waarop hij regt meent te hebben. Genade dus kan den Farizeër niet bereiken, evenmin als de wet den tollenaar. De wet is de schel, die de huisgenooten wakker maakt, genade is degene die de boodschap brengt; beide zijn noodig. De wet moet den Farizeër leeren wat zij den tollenaar doet gevoelen, namelijk hoeveel hem ontbreekt. De wet ontdekt de verborgen zonden; genade de verloren zondaren. De wet verwekt onrust, vrees; genade brengt berouw en droefheid te weeg; het is een Zaligmaker, die aanklopt in iedere begeerte, die tot Hem uitgaat, die toegang heeft tot het zotidaarshart.

2. Vernederend is zulk een bezoek, zulk eene ontvangst van den Heer. Vernederend? Is Simon vereerd, dat Israëls groote profeet zijn gast is geworden? wel mag Zacheus dit zijn, de schare hem benijden, en allen getuigenhij heeft dit voorregt niet verdiend;" maar juist dit niet verdiend, of liever verbeurd, ontneemt hem alle aanspraak op eer, elke stof tot zelfverheffing. De bedelaar behoeft niet

Sluiten