Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en heilzaam dat een iegelijk, alle dingen die ter zaligheid noodig zijn, leere en vatte. Voorziet uwe zielen, gij allen die daar zijt kinderen der Kerk, met deze heilige lekkernijen; onder deze de subtijlste spitsvinnigheden der scholen elders naar toe verzendende. Wat hebt gij die vergeefsche moeite te doen? Hoe veel min is het nut en dienstig'dat een iegelijk gemeen verstand opklimt tot in de hoogste sterkten, met ongeheiligde voeten, en aldaar Gods heilige verholenheden met een stout oog doorsnuffelen en van de diepste geheimen des raad Gods, vonnis uit te spreken? dat elke zakkendrager of schuitvaarder van de verborgenste oorzaak der predestinatie vermetelijk bestaat te disputeren? Een zeker persoon heeft wel gezegd, dat hetgeen de regel Cos in de rekenkunst is, dat zelve is de predestinatie in de theologie, van welke de meest verlichte leeraars der Kerk, hun niet geschaamd hebben, een zeker heilige onwetendheid te belijden. Ook heeft die ziel die tot ju den derden hemel was opgenomen geweest, geroepen 0 bieptd en zullen wij met de korte mate onzes verstands den afgrond der besluiten Gods durven afmeten, en hetgeen de Engelen zelve met verwondering en verbaasdheid aanzien, met voeten vertreden? En hier beschuldig ik niet zoo zeer het gemeene volk, als de leeraars zei ven, die met deze dingen den volke zoo ontijdelijk het hart en de 'ooren hebben gevuld, 't Is voorwaar onvoorzigtig gehandeld, deze diepe verborgenheden op den predikstoel openlijk te verkondigen, even als of in dezelve alleen de eenige zaak der christenen gelegen ware gewast. Hoewel, opdat ik de waarheid zeide, niemand gehouden is den tweeden slag te verwachten. Een was niet geoorloofd te slaan. Maar het was geoorloofd des vijands geweld af te drijven. Maar hier werd niet zoo zeer door onvoorzigtigheid gefeild, als misschien door al te veel wijsheid. Daar zijn twee dingen, nadat ik heb kunnen merken, die deze kerk zeer schadelijk zijn, want ik heb niet te doen met de booze praktijken van sommige politieken, te groote spïtsvindigheid, en een hier uitgerezen al te groote vrijheid, van allerlei dingen te prediken. O gij zeer veranderde verstanden der Hollanders! door welken alle

Sluiten