Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als Godmensen, eene verzoening van eindelooze waardij heeft kunnen aanbrengen, is deze verlossing mogelijk. Maar daarom moet ons leven in de gemeenschap met Christus en in het deelgenootschap aan Hem, geheel en al in den dood, zoodat men zeggen kan: Ik ben mei Christus gekruist en ik leef. Wij zeiven moeten dus afzien van alles, wat in eeuig schepsel gevonden wordt, den weg der toegerekende geregtigheid des Middelaars, hoe zeer ook legen onzen hoogmoed stuitende, moeten wij inslaan, wij zeiven moeten dus geheel en al in den dood, opdat wij de geregtigheid en het leven alleen in den Verlosser hebben mogen. Wie alzoo zijn leven zal willen verliezen, die zal hetzelve waarlijk vinden. De mensch nog eens, moet zijn leven willen verliezen in den dood, zal hij waarlijk het eeuwige leven vinden. De zucht tot leven is aan het leven eigen, het is ons ingeschapen. De mensch is oorspronkelijk niet gemaakt om te sterven, maar voor eene eindelooze voortduring bestemd; de dood kwam door de zonde tusschen beide, maar zonder dien dood nu te ondergaan, die in Christus Jezus reeds overwonnen is en van zijne prikkels voor eiken geloovige werd beroofd, is er geen leven der gelukzaligheid. Al is er nu, onze natuur nog zoozeer tegen gekant, nogtans leggen wij het ligchaam der zonde'niet af, nogtans sterven wij niet geheel aan de zonde en gaan. niet over tot de volkomene gemeenschap met God dan in en door den dood. Sterven moeten wij dus, geheel en al sterven aan ons zeiven, indien wij leven zullen. Wie dus zijn leven alzoo in den dood wil verliezen, die zal, hetzelve waarlijk vinden en anders niet.

Zeker is het dus, dat de spreuk, door onzen Heer gebezigd, volkomen waar en ook nuttig leerzaam is, zij is daarom eindelijk ook sterk beslissend. Als het woord van

Sluiten