Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toen ik nn, na eene zeer vermoeijende en meestal met groote bezwaren gepaard gaande lectuur van het Bataviasch Arclref, mijne Nota's of Extrakten daaruit genomen had, had ik natuurlijk het plan om deze zoodanig te ordenen en te rangschikken, dat ik een geleidelijk verhaal der gebeurtenissen of der lotgevallen der Protestantsche Indische Kerk zou kunnen aanbieden. Maar hierin ben ik door mijne vele Officiëele werkzaamheden verhinderd, en ik heb voldoende redenen om de uitgave mijner Schets niet te vertragen. Zij dan ook de Vorm, — ofschoon de vermaarde F. Valentijn dien vorm gebezigd heeft, — minder aangenaam en zelfs onbehagelijk, de Inhoud nogtans geeft beknoptehjk alles weder, wat de geschiedenis der Indische Kerk wetenswaardigs en van algemeen belang behelst, en wat de bouwBtof leveren kan voor eene opzettelijke en degelijke behandeling harer historie. Ik vlei mg niet, dat ik iets goeds gegeven heb, maar ik mag misschien in bescheidenheid meenen, dat ik getracht heb tot het tot stand brengen van iets goeds eenigermate mede te werken. Mgn geschrijf kan misschien de Lijst of het Kader zijn, waarin de schilderg der Indische Kerk-historie gepast kan worden. Ik geef slechts -data et fata", en bestem ze voor de pers, omdat ik ze voor vergetelheid bewaren wil, daar menige foliant van het door mij gebezigd Archief zoodanig door ouderdom, vochtigheid en botende inktsoort geleden heeft, dat niemand welligt na m$ het meer in zijn geheel zal kunnen lezen.

Tot aan het jaar 1721 heb ik mede van het bekende werk van F. Valentijn gebruik gemaakt, doch over een tijdvak van 136 jaren, d. i. van 1721—1857, heb ik het Archief van den Bataviaschen Kerkeraad en van het Bestuur over de Protestantsche Kerk in N. Indië geraadpleegd.—Het Kerkeraads-archief over de jaren 1716 tot 1722 is in 1808 bfl den brand der Portngétche Kerk te Batavia vernield, gelijk deze gebeurtenis later in dit geschrift bijzonderlijk vermeld zal worden. Batavia, Junij 1857.

Sluiten