Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

plaatst y zoddat hij dan telkens verpligt was eene hem vreemde of ongewoon geworden taal aan te leeren. Menigvuldig zijn de klagten, die hierover in de Acta des Kerkeraads van dien tijd te lezen zijn; doch de vertoogen tegen zoodanige beschikkingen, door den betrokken Predikant of door den Kerkeraad ingebragt, mogten niet baten, hoe duidelijk het ook ware dat die beschikkingen groote moèite en bezwaaf gaven aan de Leeraars en tot groot nadeel der gemeente strekten. Maar sedert het bewind der gezegde Landvoogden Fan Cloon en TAeedens, was de toestand der Predikanten veel verbeterd, en genoten ze meer en meer de onderscheifling der Regering en der Maatschappij. Allengs werden ze niet meer beschouwd als dienaar» der Oost-Indisehe Compagnie, maar als dienaars der Kerk, en werd er zelfs, onder het bestuur! van de Landvoogden M. de Haan en B. Bntven, op aanschrijving van de Heeren XVII, bepaald, dat de Predikanten bij plegtige gelegenheden een' vrij hoogen rang zouden •innemen. Zoo genoten ze ook al meer het vertrouwen der Regering, en werd weldra deexaminatie, de plaatsing en vetplaatsing der kerkelijke beambten aan den Kerkeraad overgelaten» gevende dit Kollegie hiervan slechts aan de Regering kennis bij extract uit de notulen der vergadering, waarop dan gewoonlijk de approbatie Van den Gouverneur-generaal volgde.

In het jaar 1732 werd het noodig geacht om de Nederduitsche kerk te Batavia te vergrooten, dewijl ze voor de zoozeer toegenomen gemeente geen ruimte genoeg meer aanbood. De PortugéscAe gemeente had in dit jaar reeds 2 kerken, bekend onder den naam van Buitenkerk en Binnenkerk. In deze Binnenkerk had men mede een klein orgel geplaatst. — Dit was het eerste orgel, hetwelk in Nederlands-Indië tot kerkgebruik bestemd werd.

Sluiten